Volendam, St. Vincentius

   
   

   
   

   
   

   
   

   
Het orgel werd in ca. 1906 gebouwd door de Friese
tak van Adema Kerkorgelbouw voor de R.K. St. Annakerk in Amsterdam waarbij oud pijpwerk van Smits werd gebruikt, afkomstig uit schuilkerk "De Pool". In 1926 werd de gotische orgelkas met front geplaatst. H. Schreurs bouwde in 1956 het pneumatische orgel
om tot een elektro-pneumatisch instrument en boven-
dien werden enkele registerwijzigingen in neo-barokke trant aangebracht. In 1970 werd het orgel in Volendam geplaatst. Pels & Van Leeuwen voerden in 1999 een restauratie uit waarbij de speeltafel werd vernieuwd en de klaviatuur uitgebreid met een derde manuaal waarmee het koororgel kan worden bespeeld. Een aantal registers werd gewijzigd en de dispositie uitgebreid.
   
De dispositie:  
Hoofdwerk: (C-g3)
Bourdon 16
Prestant 8
Bourdon 8
Fluit harmoniek 8
Salicionaal 8
Octaaf 4
Gedekt 4
Nasard 2 2/3
Doublet 2
Mixtuur 3-5 st.
Cymbale 3-4 st.
Cornet 5 st.
Trompet 8
Vox Humana 8
Tremulant
Zwelwerk: (C-g3)
Baarpijp 8
Holpijp 8
Viola di Gamba 8
Vox Celeste 8
Quintadeen 8
Prestant 4
Dwarsfluit 4
Flageolet 2
Larigot 1 1/3
Scherp 3 st.
Sesquialter 3 st.
Carillon 3 st.
Trompet 8
Basson-Hautbois 8
Tremulant
Pedaal: (C-f1)
Majorbas 32 (C-H 10 2/3)
Contrabas 16
Subbas 16
Open Bas 8
Wijd Gedekt 8
Fluit 4
Bazuin 16
Trombone 8
Klaroen 4
Koppels etc
I+II, I+III, I+II 16'
II+II 16', P+!, P+II,
P+II 4'

P  MF  F   T
1 vrije combinatie
Automatisch Pedaal
Generaal-crescendo
   

Home
Terug naar vorige pagina / to last page / Zurück