|
Rotterdam-Alexanderpolder, Verrijzeniskerk |
||
![]() |
|
|
|
Foto's: Arjan Breukhoven © 2003; info: Arjan Breukhoven |
||
|
In
december 1974 is het orgel opgeleverd. De orgelbouwer A. Fonteyn te Kampen
kreeg de opdracht het mechanisch sleepladen orgel te bouwen onder advies
van Laurens van Wingerden. Kort na de oplevering is de Roergedekt 8 van
het pedaal vervangen door een Octaaf 8, vanwege de draagkrachtigere toon
van de Octaaf 8. In januari 1997 is het orgel geherintoneerd en
schoongemaakt door de orgelbouwers Pels & van Leeuwen uit
’s-Hertogenbosch, daarbij werd de klank van het instrument warmer gemaakt.
Gezien de traditie in de begin zeventiger jaren had het orgel een scherpe
intonatie. Tevens werden de pedaaltorens wegens een verzakking
rechtgetrokken. Ook werd het toetsbeleg van de hele toetsen vervangen van
het versleten palissanderhout naar ebbenhout. Op advies van Arjan
Breukhoven zijn de zijwanden van de nauw gemensureerde Subbas 16 iets
afgeschaafd, waardoor de toon grondtoniger is geworden. Door de nauwe
mensuur spraken de grootste pijpen van dit register nauwelijks aan. In
1999 is een luchtbevochtigingssysteem geplaatst op de bodem van het
instrument. Dit, op de waterleiding aangesloten systeem met een speciale
waterafvoer voor calamiteiten, zorgt er voor dat de luchtvochtigheid niet
onder de 65 % komt. Met als gevolg dat het instrument veel minder snel
ontstemd. In december 1974 werd organist Jan Brandwijk aangesteld als
vaste bespeler van het instrument tot 1986. Vanaf 1982 tot aan 2003 was
Arjan Breukhoven vaste organist van de Verrijzeniskerk. De dispositie: |
||
| Hoofdwerk: (C-g3) Prestant 8 Roerfluit 8 Octaaf 4 Spitsfluit 4 Woudfluit 2 Mixtuur III-IV 1' Trompet 8 |
Borstwerk: (C-g3) Holpijp 8 Roerfluit 4 Quint 2 2/3 Prestant 2 Terts 1 3/5 Quint 1 1/3 Cymbel II 1/2 |
Pedaal: (C-f1) Subbas 16 Octaaf 8 Fagot 16 3 koppels Toonhoogte: a1 = 440 Stemming: gelijkzwevend |
|
|
||