Gent, St. Michielskerk

   
   

   

Foto: jancoschout@solcon.nl 2008

   
De dispositie van het De Volder-orgel: (1817, ombouw en vergroting Anneessens, 1951)
Groot Orgel: (C-c4)
Gedekt 16
Prestant 8
Fluit 8
Gedekt 8
Prestant 4
[Roerfluit 4]
Octaaf 2
[Kwint 2 2/3]
Mixtuur 3-5 r
Cornet 5r
[Bazuin 16]
Trompet 8
Klaroen 4
Reciet: (C-c4)
[Kwintadeen 16]
Diapason 8
Gamba 8
Gedekt 8
Vox coelestis 8
Dwarsfluit 4
[Roerfluit 4]
Octaaf 2
Tertsfluit 1 3/5
Nazaard 2 2/3
Ruispijp 3 r
Harm. Trompet 8
[Fagot-Hobo 8]
Tremolo
Positief: (C-c4)
Baarpijp 8
[Nachthoorn 4]
Wilgenpijp 8
Prestant 4
Woudfluit 2
Spitskwint 2 2/3
[Sifflet 1]
[Scherp 2-3 r]
Dulciaan 8
Pedaal: (C-g1)
[Subbas 32]
Prestantbas 16
Subbas 16
Echobas 16 (transmissie)
Kwintbas 10 2/3 (unit)
Octaafbas 8 (unit)
Gedektbas 8 (unit)
Koraalbas 4 (unit)
[Cimbel 3-4 r]
Bazuinbas 16 (unit)
Trompetbas 8 (unit)
Klaroenbas 4 (unit)
   
Koppels en speelhulpen:
I+II, I+III, II+III
I+I 4, I+III 16, I+III 4, III+III 16, III+III 4
P+I, P+II, P+III
III normaal af; Aut. Ped.
2 vrije combinaties, waarvan 1 deelbaar per klavier
P  MF  F  T
De registers die tussen haakjes staan, zijn niet geplaatst.
   

Home
Terug naar vorige pagina / Back to last page