Amsterdam, Mozes & Aäronkerk

   
   

   
   

   
Mozes & Aäronkerk Waterlooplein 205  1011 PG Amsterdam tel. 020-6221305  e-mail: info@mozeshuis.nl metro en tram 9 en 14 halte Waterlooplein)
   
De huidige Mozes & Aäronkerk van 1841 is de voortzetting van een zeventiende-eeuwse Rooms-Katholieke schuilkerk in de huizen Mozes en Aäron aan de (joden)Breestraat. Het barokke altaar (begin 18e eeuw) is afkomstig uit die schuilkerk. In de achttiende en negentiende eeuw
genoot de kerk een grote muzikale reputatie vanwege koor en orkest Zelus Pro Domo Dei. Franz Liszt, op bezoek in 1866, toonde zich enthousiast over de uitvoering van zijn Graner Messe. Een bisschoppelijk verbod van gemengde koren en orkesten kort daarna leidde
uiteindelijk tot het huidige orgel. 

Charles Philbert, kanselier op het consulaat van Frankrijk in Amsterdam en vriend van de beroemde orgelbouwer Cavaillé Coll was aanstichter en ontwerper van het huidige instrument. Daar was wel een geheimzinnige anonieme brief in het Latijn voor nodig om pastoor Burgmeijer en zijn kerkbestuur zover te krijgen dat ze de blik voor een nieuw orgel op de vernieuwer Cavaillé Coll zouden richten.  Liefst had Philbert de opdracht aan zijn Parijse vriend gegund, maar die was de 'zuinige Hollanders' te duur. Voor Philbert was dat de reden dat hij de gebroeders Adema uit Leeuwarden (en sindsdien Amsterdam) in de arm nam. Zij kregen de opdracht en in nauwe samenwerking met de Fransman werkten zij aan het orgel dat in 1871 voltooid werd. Nieuw voor Nederland was de Barkermachine ofwel de 'pneumatische hefboom',  waarmee de toetsdruk verminderd wordt en virtuoos, snel spel gemakkelijker wordt. Hij werd achter een deur met raampjes geplaatst, zodat de werking goed zichtbaar is.  Jos A. Verheijen (1837 - 1924) , medeoprichter en eerste voorzitter van de

Nederlandse Organisten Vereniging (nu K.N.O.V.) werd de eerste organist.  Maar Philbert was nog niet helemaal tevreden. In 1878 lieten hij speciaal uit Parijs nieuwe pijpen voor de tongwerken komen. In 1887 werd het orgel vergroot met een aantal pedaalstemmen en kreeg zijn huidige aanzien. Organisten en publiek toonden zich van het begin af enthousiast over dit Frans-Romantische orgel. Ook Cavaillé Coll zelf had waarderende woorden voor dit orgel over. Beroemde organisten als Widor en Saint-Saëns kwamen hier spelen. 

Tot 1980 heeft het orgel dienst gedaan bij kerkdiensten en concerten. In 1993 en '94 volgde een volledige restauratie door Flentrop b.v. uit Zaandam en sindsdien klinkt dit instrument weer mooier dan ooit.  De dispositie:

Hoofdwerk: (grondstemmen)
Principaal 16 voet (vt) 
Gedekt 16 vt
Principaal 8 vt
Portunaal 8 vt
Gedekt 8 vt
Kwint 5 1/3 vt
Principaal 4 vt
Principaal 2 vt
Hoofdwerk (combinatiestemmen)
Diapason 8 vt
Diapason 4 vt
Mixtuur IV-VII sterk
Kornet III-V sterk
Ripieno II sterk
Bariton 16 vt
Trompet 8 vt
Trompet 4 vt
Positief (grondstemmen *)
Viool 16 vt
Salicionaal 8 vt
Viool 8 vt
Gedekt 8 vt
Viool 4 vt
Gedekt 4 vt
Positief (combinatiestemmen, *)
Kwint-Viool 3vt
Viool 2 vt
Mixtuur II-VI sterk
Fagot 16 vt
Fagot-Hobo 8 vt
 
   
Reciet (grondstemmen, *.)
Kwintatoon 16 vt
Violoncel 8 vt
Vox coelestis 8 vt
Fluit 8 vt
Dwarsfluit 4 vt
Reciet (comb. stemmen, *)
Kwintfluit 2 2/3 vt
Piccolo 2 vt
Terts 1 3/5 vt
Trompet 8 vt
Vox Humana 8 vt
Pedaal: (grondst.)
Subbas 32 vt 
Openbas 16 vt 
Contrebas 16 vt
Gedekt 16 vt 
Openbas 8 vt 
Violoncel 8 vt
Kwint 10 2/3 vt
Pedaal: (combinatiestemmen)
Openbas 4 vt 
Bazuin 16 vt 
Trompet 8 vt 
Trompet 4 vt
   
  • Manuaalomvang C-g'''  Pedaalomvang C-f'
    Positief en reciet in zwelkast   Tremulant op het reciet
    Afsluitingen voor grond- en combinatiestemmen
    Manuaalkoppelingen: reciet-positief, reciet-hoofdmanuaal, positief-hoofdmanuaal
    Pedaalkoppelingen: positief-pedaal, hoofdmanuaal-pedaal

    Mechanische sleepladen Barker-machines op hoofdmanuaal, positief en pedaal.



  • *: in zwelkast


    Foto's: Jan van der Male © 2009
    Info:
    http://www.mozeshuis.nl
       
       

    Home
    Terug naar vorige pagina / Back to last page / Zurück