Amsterdam, Noorderkerk

   

   
De dispositie van het Knipscheer-orgel (1849):  
Hoofdwerk: (C-f3)
Prestant 16
Bourdon 16
Octaaf 8
Roerfluit 8
Octaaf 4
Roerfluit 4
Quint 3
Octaaf 2
Mixtuur VI
Scherp V
Cornet V
Trompet 8
Bovenwerk: (C-f3)
Prestant 8
Baarpijp 8
Quintadeen 8
Octaaf 4
Dwarsfluit 4
Nasard 3
Octaaf 2
Sesquialter II
Vox Humana 8
Pedaal: (C-d1)
Prestant 16
Bourdon 16
Holfluit 8
Roerquint 6
Octaaf 4
Bazuin 16
Trompet 8
   

Foto's: Gert Eijkelboom 2002

   

Home   
Naar nieuwe situatie
Terug