Bremen, Sankt Petri-Dom, Bach-Orgel

Foto’s: Bert Wisgerhof © 2013

Die Disposition der Van Vulpen-Orgel: (1966)

Hoofdwerk: (C-g3)
Prestant 16
Prestant 8
Roerfluit 8
Octaaf 4
Spitsfluit 4
Quint 2 2/3
Octaaf 2
Mixtuur 6-8 st. 1 1/3
Trompet 8
Rugwerk: (C-g3)
Holpijp 8
Prestant 4
Roerfluit 4
Gemshoorn 2
Nasard 1 1/3
Scherp 4 st.
Sesquialter 2 st.
Dulciaan 16
Kromhoorn 8
Tremulant

Koppelingen:
Hoofdwerk – Rugwerk
Hoofdwerk – Borstwerk
Pedaal – Hoofdwerk
Pedaal – Rugwerk
Pedaal – Borstwerk

 

Borstwerk: (C-g3)
Houtgedekt 8
Ged. Fluit 4
Prestant 2
Siflet 1
Cimbel 2 st.
Tertiaan 2 st.
Vox Humana 8
Tremulant
Pedaal: (C-f1)
Prestant 16
Subbas 16
Octaaf 8
Gedekt 8
Octaaf 4
Nachthoorn 2
Mixtuur 6 st. 2 2/3
Bazuin 16
Trompet 8
Schalmei 4
Cornet 2