Delitzsch, Evangelische Stadtkirche Sankt-Peter-und-Paul

Bron foto: CD-boekje

Het orgel van de Stadtkirche in Delitzsch (Sachsen) werd in 1890 in gebruik genomen. Het werd gemaakt door Wilhelm Rühlmann met drie manualen en pedaal, gestoken in een neogotische orgelkas. Het orgel is gebouwd met pneumatische tracturen en Kastenladen. In 1917 werden de frontpijpen gevorderd voor oorlogsdoeleinden. Oorspronkelijk had het kerkgebouw twee galerijen. In 1929 is het orgel verplaatst naar de onderste galerij, en werd de bovenste gesloopt. Mogelijk zijn ook in dat jaar nieuwe zinken frontpijpen geplaatst. De tractuur is deels vernieuwd en er werd ook een nieuwe speeltafel geplaatst. Na de Tweede Wereldoorlog is de dispositie gewijzigd. Het romantische karakter van het orgel werd daarmee getracht om te buigen naar een meer barokke opbouw. Het orgel was lange tijd in onbespeelbaar. In 1988 werd geadviseerd om het af te breken. Een groep vrijwilligers wist het in 1989 onder leiding van Bernd Barthels weer gedeeltelijk bespeelbaar te maken. Alexander Schuke voerde in 1991 een revisie uit, waardoor twee manualen en het pedaal weer te gebruiken waren. De firma Voigt heeft in de jaren 2000-2003 een restauratie en reconstructie uitgevoerd. Hierbij is het orgel teruggebracht in de oorspronkelijke staat. Ontbrekend pijpwerk is gemaakt naar voorbeeld van andere orgels van Rühlmann.

Dispositie:

Hauptwerk: C – f3 Prinzipal 16′ – front 2003, Bordun 16′, Prinzipal 8′ – front 2003, Gedackt 8′, Hohlflöte 8′, Gamba 8′, Oktave 4′ – front 2003, Flûte Harmonique 4′, Oktave 2′, Cornett 3 fach (2 2/3′), Mixtur 4 fach (2′), Trompete 8′.
Oberwerk: C – f3 Lieblich Gedackt 16′ – 2003, Geigenprinzipal 8′, Doppelflöte 8′, Flauto Traverso 8′ – 2003; C-H gecombineerd met Doppelflöte, Salicional 8′ – 2003, Fugara 4′, Flauto Amabile 4′ – 2003, Quinte 2 2/3′ – discant 2003, Oktave 2′ – 2003, Oboe 8′ – 2003.
Schwellwerk: C – f3 Flötenprinzipal 8′ – 2003, Lieblich Gedackt 8′, Dolce 8′ – 2003, Viola d’Amour 8′ – 2003, Vox Coelestis 8′ – 2003; C-H gecombineerd met Viola d’Amour, Flauto Traverso 4′ – 2003.
Pedal: C – d1 Prinzipalbaß 16′, Violon 16′, Subbaß 16′, Quintbaß 10 2/3′ – 2003, Oktavbaß 8′, Cello 8′ – 2003, Gedacktbaß 8′, Posaune 16′.
Couplers: Hauptwerk – Oberwerk, Hauptwerk – Schwellwerk, Oberwerk – Schwellwerk, Pedal – Hauptwerk, Pedal – Oberwerk, Pedal – Schwellwerk.
Accessories: 5 feste Kombinationen (p – mf – f – ff – tutti), Pianopedal.

Samenstelling van de vulstemmen:

Compund stop Composition
Mixtur 4 fach (Hauptwerk) C: 2′ – 1 1/3′ – 1′ – 2/3′. c°: 2 2/3′ – 2′ – 1 1/3′ – 1′. c’: 4′ – 2 2/3′ – 2′ – 1 1/3′. c”: 5 1/3′ – 4′ – 2 2/3′ – 2′.
Cornett 3 fach (Hauptwerk) C: 2 2/3′ – 2′. c°: 2 2/3′ – 2′ – 1 3/5′.
Othe