Den Haag, Nieuwe Kerk

Foto’s: Bram Luteyn © 1985/1987

– Vanaf 1656 werd de gemeentezang in de Nieuwe Kerk in Den Haag (Zuid-Holland) geleid door een voorzanger.
Johannes Duytschot (1645-1725), Amsterdam 1700/02; orgelkast gemaakt door de Haaghs timmerman Nicolaes Blotelingh, Johannes Sonnemans maakte het snij- en beeldhouwwerk van de kassen en de balustrade; de kunstschilder Theodorus van der Schuer maakte in 1702 de schilderijen op de binnenkant van de deuren van beide kassen en Anthony Dijckmans schilderde en verguldde de kassen en de balustrade
op 2 maart 1700 werd het orgel werd aan Duytschot
het orgel was in 1703 geheel klaar; M III ap: Hw 12-Rw 12-Bov 11
het orgel werd gekeurd door de organisten Dirck Scholl uit Delft, Casparus Cousijns van de Grote kerk en Quirinus van Blankenburg
orgel voor het eerst bespeeld op 12 december 1702 (waarschijnlijk maar een deel van het orgel, het orgel was pas medio 1703 gereed)
– onderhoud in 1725 naar Rudolph Garrels
Rudolph Garrels voerde in 1727/28 opnieuw onderhoud uit.
Rudolph Garrels had in  1736 opnieuw onderhoud uitgevoerd.
– in 1741 werd het orgel van een boog van Bentheimer steen in de lambrisering voorzien door Jacob van Groedevelt
Rudolph Garrels voerde in 1742 werkzaamheden uit.
Gerard Steevens 1750
– onderhoud Gerard Steevens van 1750 tot 1790
– vanaf 1790 onderhoud bij Joachim Reichner
Joachim Reichner 1793; nieuw pedaal; de schilderijen op de orgeldeuren werden gereinigd en opgehaald, frontpijpen opnieuw verguld en van tinfolie voorzien en de blaasbalgen gerepareerd
Joachim Reichner 1813, balgen hersteld
– vanaf 1813 onderhoud bij Johan Caspar Friedrichs
Johan Caspar Friedrichs 1817
Abraham Meere, Utrecht 1825; tongen vernieuwd
– vanaf 1825 onderhoud bij Abraham Meere
A. Wolfferts 1829, 1830
– onderhoud 1832 Gebr. L.J. en J. van Dam & Zn., Leeuwarden
– onderhoud 1835 Johan Caspar in der Mauer
Balthaser Jean Gabry, Gouda 1842
– onderhoud vanaf 1848 bij Gabry
Kam & van der Meulen, Rotterdam 1852
– de afbraak van het orgel begon op 5 november 1866
C.G.F. Witte (1802-1873) (Fa. Bätz & Co), Utrecht 1866/67, het ornamentwerk aan de kassen werd verguld door de Koninklijke Huis-, Rijtuig-, en Wapenschilder Wed. F. Galjaard en Zn.; in bestaande kas en pijpwerk van Duyschot, algehele ombouw; M III ap: Hw 12-Rugpos 9-Bov 7
het contract voor het pijpwerk werd op 28 april 1866 getekend
het orgel werd gekeurd door organist Willem Nicolaï en technisch opzichter E. Saraber. Het orgel werd op 31 oktober 1867 in gebruik genomen
Johann Frederik Witte, Utrecht 1899/90; schoonmaakbeurt en reparaties
– de brand in het najaar van 1919 had geen gevolgen voor het orgel
Flentrop Orgelbouw, Zaandam 1976/77; vrij Pedaal, reparatie lekke windladen en balgen, herstel mechaniek om de erg zware speelaard wat te verbeteren; M III vp: Hw 12-Rw 9-Bov 7-Ped 7
adviseur Klaas Bolt
het orgel is op 26 oktober 1977 weer in gebruik genomen met een bespeling door Klaas Bolt
Fa. Reil, Heerde 2018; ook zullen de barokke schilderingen op de orgelluiken worden opgeknapt. Tevens zal het grote scherm, dat om akoestische redenen voor het orgel is gehangen, beweegbaar worden gemaakt. zodat de orgelklank niet langer wordt beïnvloed.

Disposities:

1703:

Hoofdwerk: Praestant 16, Praestant 8, Holpyp 8, Octaav 4, Quintfluit 3, Super Octaaf 2, Gemshoorn 1 1/2, Mixtuur VI-VIII bas/discant, Scherp III-IV bas/discant, Cornet, Bazuin 16 bas/discant, Trompet 8 bas/discant, Tremulant
Rugpositief: Praestant 8, Holpyp 8, Quintadeena 8, Octaav 4, Holfluit 4, Super Octaaf 2, Flageolet 2, Sifflet 1, Sexquialtera II, Mixtuur IV-VI, Cornet discant, Vox humana 8, Tremulant
Boven Manuaal: Praestant 8, Baarpyp 8, Quintadeena 8, Octaav 4, Fluit 4, Octaav 2 , Fluit 2, Nasard 1 1/3, Cymbel 1, Sexquialtera II, Vox Humana 8, Tremulant
Pedaal: aangehangen
2 Coppelingen, 6 Blaasbalgen, 3 Tremulanten

1774 (volgens Hess):

Manuaal: Praestant 16, Praestant 8, Holpyp 8, Octaav 4, Quintfluit 3, Super Octaav 2, Gemshoorn 1 1/2, Mixtuur bas/discant, Cornet, Scharp bas/discant, Bazuin 16 bas/discant, Trompet 8 bas/discant, Tremulant
Rugpositief: Praestant 8, Holpyp 8, Quintadeena 8, Octaav 4, Holfluit 4, Super Octaav 2, Flajeolet 2, Siflet 1, Sexquialtra, Mixtuur IV-VI, Cornet discant, Vox humana 8, Tremulant
Boven Manuaal: Praestant 8, Baarpyp 8, Quintadeena 8, Octaav 4, Fluit 4, Octaav 2, Fluit 2, Nazat 1 1/2, Cimbel 1, Sexquialtra, Vox Humana 8, Tremulant
Pedaal: aangehangen
2 Coppelingen. 3 Tremulanten, 6 Blaasbalgen

1867 (Duytschot/Witte):

Hoofdmanuaal C-f3: Prestant 16, Prestant 8, Baarpijp 8, Bourdon 8, Octaaf 4, Fluit 4, Quint 3, Octaaf 2, Mixtuur IV-V, Cornet V, Trompet 16, Trompet 8, Tremulant
Rugpositief C-f3: Prestant 8, Holfluit 8, Quintadeen 8, Octaaf 4, Fluit 4, Octaaf 2, Mixtuur III-IV, Cornet V, Trompet 8, Tremulant
Bovenmanuaal C-f3: Prestant 8, Roerfluit 8, Gamba 8, Octaaf 4, Fluit 4, Fluit 2, Clarinet 8, Tremulant
Pedaal C-d1: aangehangen

1885 (volgens van ’t Kruijs):

Hoofdmanuaal: Prestant 16, Prestant 8, Bourdon 8, Baarpijp 8, Octaaf 4, Fluit 4, Quint 3, Octaaf 2, Mixtuur IV-V, Cornet V, Trompet 16, Trompet 8
Rugwerk: Prestant 8, Holfluit 8, Quintadeen 8, Octaaf 4, Fluit 4, Octaaf 2, Cornet V, Mixtuur III-IV, Trompet 8
Bovenmanuaal: Prestant 8, Gamba 8, Roerfluit 8, Octaaf 4, Fluit 4, Fluit 2, Clarinet 8, Tremulant
Pedaal: Prestant 16, Octaaf 8, Octaaf 4, Bazuin 16, Trombone 8
Koppelingen, Afsluiting, Ventiel

1977 (Duytschot/Flentrop):

Hoofdwerk C-f3: Prestant 16, Prestant 8, Baarpijp 8, Bourdon 8, Octaaf 4, Roerfluit 4, Quint 3, Octaaf 2, Cornet V discant, Mixtuur IV-V, Trompet 16, Trompet 8
Rugpositief C-f3: Prestant 8, Holfluit 8, Quintadeen 8, Octaaf 4, Roerfluit 4, Octaaf 2, Cornet V discant, Mixtuur III-IV, Trompet 8, Tremulant
Bovenwerk C-f3: Prestant 8, Roerfluit 8, Gamba 8, Octaaf 4, Fluit 4, Fluit 2, Clarinet 8, Tremulant
Pedaal C-f1: Subbas 16, Octaafbas 8, Violon 8, Octaaf 4, Bazuin 16, Trombone 8, Trompet 4
Koppels: Hw-Rw, Hw-Bw, Ped-Hw, Ped-Rw

Winddruk van Hoofd-, Bovenwerk en Pedaal 94 mm. gevoed vanuit een gemeenschappelijke magazijnbalg achter het orgel
Rugwerk 88 mm. gevoed vanuit een extra reguleerbalg onder in de rugwerkkas
Toonhoogte a1 = 440 Hz.