Dordrecht, Kruiskerk

Foto’s: Wim Verburg © 2003 – 2005

Het orgel werd gebouwd door Standaart. Standaart bouwde voor de kerk het eerste unit-orgel van Nederland, en waarschijnlijk ook van Europa.
Er waren destijds 5 stamreeksen:
roerfluit
prestant
salicionaal
clarinet
portunaalfluit
De speeltafel had destijds twee klavieren met 61 toetsen.
De winddruk was 200 mm. Oorspronkelijke dispositie
onbekend.
In 1977 werden kerk en orgel verkocht aan de Baptistengemeente Dordrecht. Het orgel bleek in een slechte staat te verkeren. In 1981 werd besloten het bestaande orgel op te knappen en uit te breiden. De verbouwing werd uitgevoerd door dhr. A.W. Behr.
Om de samenzang van het groeiende aantal kerkleden te ondersteunen, werden een bazuin 16 (op het pedaal) en een superkoppel op het hoofdwerk toegevoegd.

De huidige dispositie:

Hoofdwerk: (C-g3)
Prestant 8
Roerfluit 8
Octaaf 4
Fluit 4
Quint 3
Octaaf 2
Mixtuur II-III st.
Trompet 8 (= echotrompet)
Bovenwerk: (C-g3)
Holpijp 8
Viola 8
Open fluit 4
Prestant 2
Sesquialter II
Pedaal: (C-f1)
Subbas 16
Octaaf 8
Bourdon 8 (C-f0 subbas, fis0-f1 eigen pijpen)
Prestant 4 (C-f0 octaaf 8, fis0-f1 eigen pijpen)
Bazuin 16 (recentelijk sterker geïntoneerd)

Koppels: I+II, P+I, P+II, I+I 4′
Registercrescendo (sinds 2005 niet meer aanwezig)