Foto: Schmeissnerro, CC-BY-SA 4.0 (Wikimedia Commons)
Johann Lachmayr bouwde in 1906 een nieuw orgel voor de Evangelische Christuskirche in Gallneukirchen (Oberösterreich) Oostenrijk. In 1969 werd dit instrument vervangen door een gebruikt Hillebrandt-orgel uit 1959. Dit instrument begon echter steeds meer mankementen te vertonen. In 2024 bouwde Walter Vonbank een nieuw mechanisch sleepladen-orgel met 12 echte registers, 13 transmissies, 2 manualen en een vrij pedaal voor de kerk.
Dispositie:
I. MANUAL (C – g3) 56 TOETSEN: Principal 8′, Gedackt 8′, Gamba 8′, Oktave 4′, Flöte 4′, Fugara 4′, Quinte 2 2/3′, Flöte 2′, Terz 1 3/5′, Mixtur 2′ (Mit Vorabzug für den 2′-Chor), Trompete 8′.
II. MANUAL (C – g3) 56 TOETSEN: Gedackt 8′ (Transmissie I Manual), Gamba 8′ (Transmissie I Manual), Oktave 4′ (Transmissie I Manual), Flöte 4′ (Transmissie I Manual), Fugara 4′ (Transmissie I Manual), Quinte 2 2/3′ (Transmissie I Manual), Flöte 2′ (Transmissie I Manual), Terz 1 3/5′ (Transmissie I Manual), Trompete 8′ (Transmissie I Manual).
PEDAL (C – f1) 30 TOETSEN: Subbass 16′, Principal 8′ (Transmissie I Manual), Gedackt 8′ (Transmissie I Manual), Oktave 4′ (Transmissie I Manual), Trompete 8′ (Transmissie I Manual).
KOPPELINGEN: Pedal-I Manual, Pedal-II Manual.
