Joure, Hobbe van Baerdt Tsjerke

Foto’s: Dick Sanderman © 2006

Jürgen Ahrend, 1978. Op 2 januari 1979 is het orgel in gebruik genomen. Als bijzonderheid dient te worden vermeld dat de registertrekkers
van het rugpositief in de kas van het rugpositief zijn aangebracht. De dispositie:

Hoofdwerk: (C-f3)
Bourdon 16
Præstant 8
Hohlflöte 8
Oktave 4
Spitzflöte 4
Nasat 3
Oktave 2
Mixtur (4-6f)
Trompete 8
Rugwerk: (C-f3)
Gedackt 8
Præstant 4
Rohrflöte 4
Waldflöte 2
Sesquialtera (2f)
Scharf (4f)
Dulzian 8
Temperatuur: Werckmeister II. Toonhoogte: a’ = 440 Hz.
Borstwerk: (C-f3)
Holzgedackt 8
Holzflöte 4
Blockflöte 2
Quinte 1 1/3
Terz 4/5 (vanaf fis2: 1 3/5)
Regal 8
Koppels: HW+RW * ,
HW+BW, P+HW en P+RW
Pedaal: (C-f1) 
Subbass 16
Oktave 8
Oktave 4
Posaune 16
Trompete 8
2 cimbelsterren
Tremulant
*: schuifkoppel – drukkoppel