Lübeck, Sankt Marienkirche, Vorige Totentanzorgel

Bron foto: Ansichtkaart

In de Totentanzkapelle van de Marienkirche te Lübeck (Schleswig-Holstein) bouwde Johannes Stephani in de jaren tussen 1445 en 1477 een klein orgel. Deze kapel is gelegen aan de noordzijde van de kerk. Dit orgel bleef grotendeels authentiek bewaard, totdat in maart 1942 de kerk door een bombardement grotendeels werd verwoest. Na de herbouw van de kerk bouwde de firma Kemper in 1955 een nieuw Totentanzorgel. Doordat het oude instrument nauwkeurig was opgemeten kon het pijpwerk volgens de oude mensuren worden gemaakt. Mede als gevolg van het gebruik van goedkope materialen bleek dit nieuwe mechanische sleepladen-orgel op termijn niet meer zo goed te zijn als gedacht. Het werd dan ook in 1985 afgebroken en een jaar later kon een nieuw orgel in gebruik worden genomen, gebouwd door de firma Alfred Führer.

Dispositie:

Hauptwerk: C – d3 Praestant 8′, Quintadena 8′, Spitzflöte 8′, Oktave 4′, Nasard 2 2/3′, Rauschpfeife, Mixtur 6-10 fach, Trompete 8′.
Rückpositiv: C – d3 Praestant 8′, Rohrflöte 8′, Quintadena 8′, Octave 4′, Rohrflöte 4′, Sifflöte 1 1/3′, Sesquialter 2 fach, Scharff 6-8 fach, Dulcian 16′, Trichterregal 8′.
Brustwerk: C – d3 Gedackt 8′, Quintadena 4′, Hohlflöte 2′, Quinte 1 1/3′, Scharff 4 fach, Krummhorn 8′, Schalmey 4′.
Pedal: C – d1 Praestant 16′, Subbaß 16′, Octave 8′, Quintadena 4′, Octave 2′, Nachthorn 1′, Cymbel 2 fach, Mixtur 4 fach, Posaune 16′, Dulcian 16′, Trompete 8′, Schalmey 4′, Cornet 2′.