Pamplona, Iglesia de San Nicolás

  • De orgelkas in Pamplona dateert uit 1769 en werd gemaakt door Joseph Echarri en Ignacio Aizpurúe. In 1866 bouwde Pedro Rogués een nieuw orgel in de oude kassen, waarbij een deel van pijpwerk ook werd hergebruikt. Het instrument is in 1963 gerestaureerd door Guillermo Aizpuru. Het orgel had nu 23 registers, twee klavieren en pedaal.
  • In 1989 breidde Robert Chauvin het elektro-pneumatische kegelladen-orgel uit met een derde klavier en zestien nieuwe registers.

Dispositie:

Organo Mayor: C-g3  Violon 16′, Flautado 8′, Violon 8′, Octava 4′ (B/D), Docena 2 2/3′ (B/D), Quincena 2′ (B/D), Corneta 6 hileras (discant), Lleno 4 hileras, Cimbala 4 hileras, Trompeta Magna 16′ (discant) – en chamades, Trompeta de Batalla 8′ (B/D) – en chamades, Trompete Real 8′, Clarín + Bajoncillo 8′ + 4′ – en chamade, Oboe + Dulzaina 8′.
Cadereta Interior: C-g3 Flautado Violin 8′, Tapadillo 4′, Docena Nazardo 2 2/3′, Quincena 2′, Decisetena 1 3/5′, Decinovena 1 1/3′, Lleno 5 hileras, Cromorno 8′, ClarineteOboe 8′ (discant).
Arca de Ecos: C-g3  Violon 8′, Flauta 8′, Tapadillo 4′, Quincena 2′, Decinovena 1 1/3′, Corneta 5 hileras, Fagot-Oboe 8′, Voz Humana 8′.
Pedal: C-f1 Flautado 16′, Flautado 8′, Flautado 4′, Bombarda 16′, Trompeta 8′, Clarin 4′.
Overige registers: Pajaritas.
Koppelingen: Organo Mayor – Cadereta Interior, Pedal – Organo Mayor.
Speelhulpen: Temblante.