Potsdam, Katholische Propsteikirche Sankt Peter und Paul

Foto’s: Henk en Uilkje Veenstra © 2013, Bron www.orgelsitesimon.nl

  • Na de bouw van de nieuwe Sankt Peter und Paulkirche in Potsdam (Brandenburg) is het orgel uit het oude kerkgebouw niet overgeplaatst. Dit instrument was afkomstig uit de Schloßkapelle van Oranienburg. Voor de nieuwe kerk leverde Carl August Buchholz in 1869-1870 een nieuw tweeklaviers orgel met 24 stemmen. De originele frontpijpen werden in 1917 gevorderd voor oorlogsdoeleinden en zijn later vervangen door zinken exemplaren.
  • Het orgel werd in 1936 door Alexander Schuke gerestaureerd en uitgebreid met een derde manuaal. Het had nu 41 stemmen, waarvan nog 21 geheel of gedeeltelijk van Buchholz. De tractuur werd elektrisch gemaakt en de windladen werden vervangen door Taschenladen. Op 30 augustus 1936 nam men het instrument weer in gebruik. In 1992 is het orgel door Schuke gerestaureerd. Er werd een nieuwe speeltafel geplaatst met 32 Setzer-combinaties. Ook zijn de zinken frontpijpen weer vervangen door nieuwe  tinnen pijpen.
Dispositie:
 
I. Manual: Principal 8′, Rohrflöte 8′, Oktave 4′, Spitzflöte 4′, Quinte 2 2/3′, Oktave 2′, Cornett 3 fach, Scharff 5 fach, Trompete 8′.
II. Manual: Gedackt 8′, Quintadena 8′, Principal 4′, Rohrflöte 4′, Principal 2′, Quinte 1 1/3′, Oktävlein 1′, Cymbel 3 fach, Krummhorn 8′, Tremulant.
III. Manual: Gedackt 16′, Principal 8′, Flöte 8′, Aeoline 8′, Schwebung 8′, Oktave 4′, Nachthorn 4′, Blockflöte 2′, Sesquialter 2 fach, Mixtur 5 fach, Dulcian 16′, Trichter Regal 8′, Tremulant.
Pedal: Principal 16′, Subbass 16′, Sanftbass 16′, Oktave 8′, Bassflöte 8′, Oktave 4′, Mixtur 4 fach, Posaune 16′, Dulcian 16′, Trompete 8′, Kopfregal 4′.