Spijkenisse, Dorpskerk

Foto: Rien Rolfes © 2015

Op 19 juni 1970 is in de Dorpskerk te Spijkenisse een nieuw mechanisch sleepladen-orgel in gebruik genomen met een bespeling door Feike Asma. Bij de bouw maakte Strubbe gebruik van pijpwerk en een windlade van het Witte-orgel van de Vrije Gemeente in Amsterdam uit 1890, dat in 1964 aan Strubbe was verkocht. Het oude en verbouwde Witte-orgel dat in Spijkenisse stond werd door Strubbe ingenomen en later weer bij de bouw van een nieuw orgel in Alphen aan den Rijn gebruikt. Adviseur bij de bouw van het nieuwe orgel in Spijkenisse was Feike Asma. Het nieuwe Hoofdwerk bestond vrijwel geheel uit pijpwerk van Witte. Alleen de Scherp en het tertskoor van de Sesquialter waren nieuw gemaakt. Op het (in een zwelkast geplaatste) Borstwerk  waren de Cymbel en de Regaal nieuw. Strubbe noemde de oude Quint 2 2/3′ Nasard 2 2/3′, en na opschuiving was de originele Quint 1 1/3′ een Terts 1 3/5′ . De Quintadeen 4′ werd tot Gedekt 4′ verbouwd. Op het Pedaal was alleen een nieuwe Octaaf 8′ geplaatst. De kwaliteit van het werk van Strubbe was niet erg goed. Al tijdens het ingebruikname-concert vertoonde het orgel gebreken.

Toen A. Noordsij per 1 april 1975 organist werd, maakte hij al snel een rapport op over het orgel. Hij wees op mankementen in de steminrichting, problemen met de winddruk, lekkage in de niet deugdelijk gemaakte windladen en een slechte intonatie. Ook de kas werd als bijzonder lelijk en niet passend in de oude kerk omschreven. Men stelde een restauratieplan op, waarbij alle punten werden opgenomen. De kas is aangepast en verfraaid, de laden zijn opnieuw beleerd, de intonatie is gewijzigd, de dispositie aangepast en de windvoorziening opnieuw aangelegd. Voor de intonatie wilde men uitgaan van het Witte-pijpwerk, maar uiteindelijk is er voor een klankopbouw in de stijl van Hess gekozen. Het werk is uitgevoerd door de Rotterdamse orgelbouwer Van Oosten. De Terts werd weer teruggeschoven naar een Quint 1 1/3′, uit de Sesquialter is de oude Quint 2 2/3′ gehaald, en de Scherp is verwijderd. Uit deze Scherp is wel het 1′-koor op het Borstwerk als Sifflet geplaatst. Op 1 mei 1977 is het instrument weer in gebruik genomen met een bespeling door Arjan Noordzij.

Dispositie:

Hoofdwerk: C – f3
Prestant 8′
Roerfluit 8′ – 1890
Viola 8′
Octaaf 4′ – 1890
Open Fluit 4′ – 1890
Quint 2 2/3′ – 1890
Octaaf 2′ – 1890
Sesquialter III sterk – 1977
Mixtuur III/IV sterk – 1890
Trompet 8′ – 1890

Borstwerk: C – f3
Gedekt 8′ – 1890
Quintadeen 4′ – 1890
Prestant 2′ – 1890
Quint 1 1/3′ – 1890
Sifflet 1′
Cymbel III sterk – 1970
Regaal 8′ – 1970
Tremulant

Pedaal: C – f1
Subbas 16′ – 1890
Octaaf 8′ – 1970
Gedekt 8′ – 1890
Octaaf 4′ – 1890
Bazuin 16′ – 1890

Koppelingen: 
Hoofdwerk – Borstwerk
Pedaal – Hoofdwerk
Pedaal – Borstwerk