Steinfeld (Eifel), Kloster Steinfeld

Foto’s: Bram Luteyn © 1989

Al in de 16e eeuw beschikte de Basilika in Steinfeld (Rheinland-Pfalz) al over een zwaluwnestorgel aan de noordelijke muur van het middenschip en een Lettner-orgel uit 1509. In 1600 bouwde Floris Hocque uit Brabant het eerste nieuwe grote orgel. In 1678 werd een nieuwe 8 voets orgelkas in barokstijl voor het Hauptwerk gebouwd. Dit werd na 1720 uitgebreid met een rugpositief en 2 pedaaltorens. Balthasar König uit Bad Münstereifel voltooide het orgel in 1727. König plaatste 17 oude registers in dit nieuwe sleepladen-orgel, zodat er een instrument met 29 stemmen ontstond. In 1934 werd het gemoderniseerd en uitgebreid naar 46 stemmen. Er werd een nieuwe elektrische tractuur aangelegd. In 1977 werd het orgel vanwege storingen in de mechaniek buiten gebruik gesteld. Na uitgebreid onderzoek werd in 1981 een uitgebreide restauratie gestart door de firma Weimbs uit Hellenthal. Het instrument werd gereconstrueerd naar de toestand van 1727. Hierbij werd weer een mechanische tractuur aangelegd. Het heeft 1956 pijpen en 35 stemmen. Het pijpwerk is voor het grootste deel origineel bewaard gebleven. Dit orgel is een van de belangrijkste voorbeelden van de Rheinische Barok.

Dispositie:

I Rückpositiv C–c3
1. Hollpfeif 8′
2. Flaut travers 8′
3. Prästant 4′
4. Flaut 4′
5. Quint 3′
6. Octav 2′
7. Cornet III 2 2⁄3′
8. Tintinabulum II 1 3⁄5′
9. Mixtur 1′
10. Cromhorn 8′
Tremolant

II Hauptwerk C–c3
11. Bordun 16′
12. Principal 8′
13. Hollpfeif 8′
14. Viola di Gamba 8′
15. Octav 4′
16. Quint 3′
17. Superoctav 2′
18. Terz 1 3⁄5′
19. Cornet IV 4′
20. Mixtur 1 1⁄2′
21. Cymbel 2⁄3′
22. Trompet 8′
23. Claron 4′

III Echowerk C–c3
24. Gedackt 8′
25. Flaut douce 4′
26. Nasard 3′
27. Octav 2′
28. Sesquialtera 2 2⁄3′
29. Vox humana 8′
Tremulant

Pedalwerk C–d1
30. Principal 16′
31. Subbaß 16′
32. Octav 8′
33. Octav 4′
34. Bombart 16′
35. Trompet 8′

Koppeln:
II/I, I/P, II/P

Nebenregister:
Nachtigall