Tuitjenhorn, Kerk van de Heilige Jacobus de Meerdere

St. Caecilia

Het pedaalpijpwerk

Het kerkgebouw werd in 1858 in gebruik genomen. Veel materiaal uit het vorige gebouw werd in de nieuwe kerk hergebruikt evenals het oude orgel. In 1906 vervaardigde de firma Nicolas nieuwe glas-in-lood ramen. De zijbeuken werden in 1925-1926 tegen de kerk aangebouwd.De tweede fase van de kerkrestauratie werd in 2004 afgesloten.

Orgelgeschiedenis: ca.1811. P.J. Teves. Plaatsing van een groot kabinetorgel met zes stemmen, een aangehangen pedaal en voorzien van een loos front. 1859. L.S. Ypma. Overplaatsing naar de nieuw gebouwde kerk.
1874. L.S. Ypma. Nieuw orgel; het oude instrument werd geschonken aan een kerk in Den Helder.
1900. Plaatsing electrische windmotor.
1954. Pels, Alkmaar. Restauratie en uitbreiding met een vrij (unit) pedaal met electrische tractuur.
1973. J. Vermeulen, Alkmaar. Restauratie. Houten pijpen van de Fluit travers en de gehele Speelfluit 2′ vervangen.

Dispositie:

Hoofdwerk: (C-f3)
Bourdon 16
Prestant 8
Salicionaal 8
Holpijp 8
Octaaf 4
Fluit 4
Quint 3
Octaaf 2
Cornet IV
Trompet 8
Bovenwerk: (C-f3)
Prestant 8
Bourdon 8
Viola di Gamba 8
Fluit travers 4
Roerfluit 4
Speelfluit 2
Pedaal: (unit, C-d1)
Subbas 16
Octaaf 8
Gedekt 8
Prestant 4
Klavierkoppel
Pedaalkoppel
NB. De registerknop rechtsboven is loos en dient voor de symmetrie.
   
(Bron: programmaboekje Orgeltocht 2006; Foto’s: Marcel Pelt, (22 juli 2006))