Zaltbommel, Grote- of Sint Maartenskerk, Hoofdorgel

Foto’s: Wim Verburg © 2008

Tekst: © Arno van Wijk

In 1783 wordt er gestart met de bouw van een nieuw orgel door
de orgelmaker Andries Wolfferts. Hij maakt hierbij gebruik van
materiaal van het oude orgel, gebouwd door Matthijs Verhofstadt. De Bourdon 8 is in 1590 gemaakt door Pieter Jans de Swart.
Dit instrument wordt alweer 10 jaar later (!) verbeterd en vergroot
door Antonius Friedrich Gottlieb Heijneman die kort daarvoor veel
roem geoogst had met de verbouwing van het orgel in de
Sint Janskathedraal in ’s-Hertogenbosch. In 1796 is het orgel
“nadat prullen eraan getobt hebben, eindelijk in een goeden stand
gebragt door Heineman” (J. Hess).
De volgende aanpassing aan het instrument vindt pas plaats in 1860
door N.A. Naber die een nieuwe Viola di Gamba plaatste. In
1905 wordt de dispositie licht gewijzigd echter zonder al te
rigoureuze aantastingen van de originele klank.

Aan het einde van de Tweede Wereldoorlog wordt het orgel in allerijl gedemonteerd vanwege het voornemen van de Duitse bezetter om de imposante toren op te blazen. De verschillende onderdelen worden her
en der in de stad opgeslagen. Na de oorlog wordt het instrument weer opgebouwd en gerestaureerd door de firma De Koff. Er werd van de gelegenheid om het orgel, volgens de smaak van die tijd, een heldere uitstraling te geven. Naast enkele dispositiewijzigingen werd ook de toonhoogte met bijna een halve toon verhoogd, door het verkorten van het gehele pijpwerk. Het resultaat was uiterst teleurstellend. In plaats van helderder klonk het orgel nog doffer en dikker dan het al was… Na de kerkrestauratie wordt ook het orgel weer gerestaureerd, nu door de
firma Blank uit Herwijnen. De belangrijkste werkzaamheden waren naast herstel van windladen en dispositie het verlengen van het pijpwerk tot oorspronkelijke lengte.

Dispositie:

Hoofdwerk C-f3:  
Prestant 16
Octaaf 8
Bordon 8
Octaaf 4
Fluyt 4
Quint 3
Octaaf 2
Flageolet 2
Mixtuur 3-4 st.
Cornet 4 st.
Sesquialter 2 st. D
Trompet 16 b/d
Trompet 8’ b/d
Rugwerk C-f3:
Bourdon 16
Prestant 8
Bourdon 8
Flautraver (8 D)
Octaaf 4
Fluyt 4
Octaaf 2
Flageolet 1
Mixtuur 3-4 st. b/d
Cornet 4 st.
Dulciaan 8
Tremulant
Bovenwerk C-f3:
Prestant 8 b/d
Holpyp 8
Gemshoorn 8
Viola di Gamba 8
Fluyt 4
Waldfluyt 2
Carillon 3 st. (D)
Fagot 8 B/D
Voxhuman 8
Tremulant
Pedaal C-d1: 
Subbas 16
Octaaf 8
Octaaf 4
Basuyn 16
Trompet 8
Clarino 4
Stemming Neidhardt I
Toonhoogte a’ = 415 Hz
   
Koppels:
HW + RW b/d
HW + BW b/d
Ped. + HW
Vulstem Samenstelling
Mixtuur III-IV sterk (Hoofdwerk) C: 1 3/5′ – 1 1/3′ – 1′. c°: 2 2/3′ – 2′ – 1 3/5′. c’: 4′ – 3 1/5′ – 2 2/3′ – 2′. c”: 5 1/3′ – 4′ – 4′ – 3 1/5′.
Cornet V sterk discant (Hoofdwerk) c’: 8′ – 4′ – 2 2/3′ – 2′ – 1 3/5′.
Sesquialter II sterk discant (Hoofdwerk) c’: 2 2/3′ – 1 3/5′.
Mixtuur III-IV sterk (Rugwerk) C: 1 3/5′ – 1 1/3′ – 1′. c°: 2 2/3′ – 2′ – 1 3/5′. c’: 4′ – 3 1/5′ – 2 2/3′ – 2′. c”: 5 1/3′ – 4′ – 4′ – 3 1/5′.
Cornet IV sterk discant (Rugwerk) c’: 4′ – 2 2/3′ – 2′ – 1 3/5′.
Carillon III sterk discant (Bovenwerk) c’: 4′ – 1 3/5′ – 1′.