Foto: Onbekend
- Op 12 oktober 1908 werd in de Lutherse Kerk in Schiedam een nieuw éénmanualig pneumatisch kegelladen- orgel, gebouwd door Gerrit Van der Kley in gebruik genomen. Dhr. Krijgsman, organist van de Koninginnekerk, speelde het orgel in. In 1919 is er een eikenhouten kas voor het orgel vervaardigd. In de jaren 1930-1940 werd er een elektrische windmotor geplaatst. De dispositie is toen ook gewijzigd: de Octaaf 2′ en de Cornet III sterk kwamen te vervallen, en werden vervangen door een Concertfluit 4′ en een Aeoline 8′. Bij een reparatie in 1952 heeft de fa. Hoogenboezem de Aeoline weer verwijderd. Als nieuwe registers werden een Quint 2 2/3′ en een Gemshoorn 2′ geplaatst.
- In 1971 werd het orgel ingrijpend verbouwd door Fonteyn & Gaal. De tractuur werd nu elektro-pneumatisch gemaakt, er is een tweede klavier gemaakt, en de nieuwe speeltafel werd op de galerij geplaatst. De Bourdon 16′ van het Hoofdwerk werd verbouwd tot een Gedekt 8′ voor het Pedaal.
- De kerk is na een laatste dienst op 8 januari 2017 buiten gebruik gesteld. Het blijft eigendom van de Protestantse Gemeente Schiedam.
- De stemming van het orgel is evenredig zwevend.
Dispositie:
Hoofdwerk: C – g3 Prestant 8′, Roerfluit 8′, Octaaf 4′, Fluit 4′ – ca. 1930?, Quint 2 2/3′, Octaaf 2′ – 1971?, Mixtuur III sterk – 1971.
Bovenwerk: C – g3 Holpijp 8′ – 1971, Gamba 8′, Fluit 4′ – 1971, Gemshoorn 2′ – 1952, Quint 1 1/3′ – 1971, Tremulant.
Pedaal: C – d1 Subbas 16′, Gedekt 8′.
Koppelingen: Hoofdwerk – Bovenwerk, Hoofdwerk – Bovenwerk 16′, Pedaal – Hoofdwerk, Pedaal – Bovenwerk.
Speelhulpen: Vrije combinaties.
