Franeker, Grote- of Martinikerk, Oude Orgel

ik zoek nog een tekening en/of schilderij van het orgel

Jan van Covelen bouwde in 1528 een nieuw mechanisch sleepladen-orgel in Franeker (Friesland), waartoe op 5 oktober 1528 een overeenkomst was gesloten. Het instrument werd in 1534 voltooid door Van Covelen’s knecht en opvolger Hendrick Niehoff. De onder ‘overige stemmen’ vermelde registers zijn mogelijk later toegevoegd. Het is ook niet meer te achterhalen waar ze waren gedisponeerd. Het orgel had in totaal 11 stemmen. In 1719 werd aan Jan Harmenszoon Kamp verzocht om reparaties aan het orgel uit te voeren, omdat het in slechte staat verkeerde. Deze had echter geen tijd, zodat er niets gebeurd is. Toen hij in 1721 overleed besloot het kerkbestuur het orgel te vervangen. Jan Radeker kreeg de opdracht. Deze maakte een nieuw orgel, waar echter grote delen van het oude in werden verwerkt. Het werd al in 1721 opgeleverd. In 1838 namen de kerkvoogden het besluit tot de bouw van een geheel nieuw instrument. De firma Van Dam heeft dit gebouwd, maar een groot deel van het oude pijpwerk is hergebruikt. In 1842 was het mechanische sleepladen-orgel met 2 manualen en pedaal gereed. Het had twintig stemmen en één open plaats op de hoofdwerklade. Op 9 november 1842 werd het in gebruik genomen waarbij het bespeeld werd door S.A. Hempenius, organist van de Grote Kerk te Zwolle, en voormalig organist in Franeker.

Dispositie:

Werk (FGA-g2 a2): Doeff 8′, Octaaf 4′, Scherp, Mixtuur.
Borstwerk (FGA-g2 a2): Regaal 8′.
Overige stemmen (FGA-g2 a2): Holpijp 8′, Gemshoorn 2′, Sifflet 1′, Ruysende Cimbaal, Trompet 8′.
Pedaal (FGA-c1): Aangehangen, Trompet 8′.