Foto’s: Willemijn Hissink © 2017
In 1885 bouwde Mathias Burkhardt een nieuw orgel voor de Evangelische Providenzkirche in Heidelberg. Het instrument kreeg mechanische tracturen en kegelladen en het had twee manualen en pedaal. Het front is door Hermann Behaghel ontworpen. In 1928 bouwde de firma Steinmeyer het orgel om. De tractuur werd pneumatisch gemaakt, en in 1946 is deze geëlektrificeerd. Het orgel was inmiddels veel groter geworden. Van Burkhardt waren nog zestien registers over. In 1986 bouwde de firma Link het orgel volledig om. Eigenlijk kon men spreken van een nieuwbouw in de oude kas. Met gebruikmaking van het oude pijpwerk werd een drieklaviers orgel met mechanische sleepladen en elektrische registertractuur gebouwd. De kas van Burkhardt werd opnieuw gebruikt. Het werk is opus 1000 van Link. Adviseur bij de herbouw was Wolfgang Herbst, geassisteerd door Gerhard Wagner en Bernd Sulzmann.
Dispositie:
HAUPTWERK (C-a3): 58 TOETSEN Bourdon 16′, Principal 8′, Flöte 8′, Gedeckt 8′, Octav 4′, Hohlflöte 4′, Superoctav 2′, Cornett 5 fach (8′) (from g°) – 1986, Sesquialtera 2 fach (2 2/3′) – 1986, Mixtur 4 fach (1 1/3′) – 1986, Trompete 8′ – 1986.
SCHWELLWERK (IN ZWELKAST) (C-a3): 58 TOETSEN Principal 8′, Lieblich Gedeckt 8′, Salicional 8′, Aeoline 8′, Vox Coelestis 8′, Octav 4′ – 1986, Fugara 4′, Quintflöte 2 2/3′ – 1986, Flageolet 2′ – 1986, Terz 1 3/5′ – 1986, Piccolo 1′ – 1986, Großmixtur 3-5 fach (2 2/3′), Basson-Hautbois 16′ – 1986, Voix humaine 8′ – 1986, Tremulant.
UNTERWERK (IN ZWELKAST) (C-a3): 58 TOETSEN Bleigedeckt 8′ – 1986, Rohrflöte 4′ – 1946, Doublette 2′ – 1986, Larigot 1 1/3′ – 1986, Sifflet 1′ – 1986, Maulrankett 16′ – 1946, Krummhorn 8′ – 1928, Tremulant.
PEDAL (C-f1): 30 TOETSEN Principalbaß 16′ – 1928, Subbaß 16′, Octavbaß 8′, Flötbaß 8′ – 1946, Tenor 4′ – 1986, Posaune 16′ – 1928/1986, Trompetenbaß 8′ – 1986, Clairon 4′ – 1963, Zinkenbäßle 2′ – 1963.
KOPPELINGEN: Hauptwerk – Schwellwerk, Pedal – Hauptwerk, Pedal – Schwellwerk.



