Heilbronn, Kilianskirche, Hoofdorgel

Foto’s: Arno Pors © 2020

  • Op 31 mei 1959 werd in de Kilianskirche in Heilbronn (Baden-Württemberg) een nieuw sleepladen-orgel met mechanische toetstractuur en elektrische registertractuur in gebruik genomen, gebouwd door de firma E. F. Walcker & Cie. Het verving een orgel uit 1888 van Karl Schäfer, dat in 1928 door Walcker was omgebouwd en uitgebreid tot 67 stemmen, verdeeld over drie manualen en pedaal. Het nieuwe orgel kreeg vier manualen en pedaal, met in totaal 55 stemmen. Adviseurs bij de bouw waren Fritz Werner, organist van de kerk, en Walter Lutz. Walter Supper was betrokken bij het ontwerp van het front. In 1975 voerde Richard Rensch een revisie uit.
  • Het orgel is in de jaren 2001-2002 door de firma Lenter gerestaureerd en uitgebreid. De neobarokke klank is daarbij omgebogen naar een wat mildere. Ook zijn diverse registers vervangen.
Dispositie:
 
Hauptwerk: Prinzipal 16′ – 2002, Prinzipal 8′, Gamba 8′ – 2002, Spitzflöte 8′ – 2002, Oktave 4′, Nachthorn 4′, Quinte 2 2/3′, Oktave 2′, Cornett 5 fach (from g°) – 2002, Mixtur Major 5 fach – 2002, Mixtur Minor 4 fach – 2002, Fagott 16′, Trompete 8′.
Rückpositiv: Prinzipal 8′ – 2002, Gedackt 8′, Praestant 4′, Flöte 4′ – 2002, Oktave 2′, Terz 1 3/5′ – 2002, Quinte 1 1/3′, Scharff 3 fach – 1959/2002, Krummhorn 8′, Tremulant.
Schwellwerk: Bordun 16′ – 2002, Prinzipal 8′, Gedackt 8′ – 2002, Konzertflöte 8′ – 2002, Viola 8′ – 2002, Dolce 8′ – 2002, Vox Coelestis 8′ (from c°) – 2002, Oktave 4′, Fugara 4′ – 2002, Traversflöte 4′ – 2002, Nasat 2 2/3′, Flautino 2′ – 2002, Terz 1 3/5′, Mixtur 7 fach, Trompette Harmonique 8′ – 2002, Oboe 8′, Clairon 4′ – 2002, Tremulant.
Kronwerk: Flöte 8′, Quintatön 8′, Gemshorn 4′, Flûte Octaviante 4′ – 2002, Doublette 2′, Piccolo 1′, Sesquialter 2 fach – 2002, Dulzian 16′ – 2002, Regal 8′, Tremulant.
Pedal: Untersatz 32′ – 2002, Prinzipalbaß 16′, Violonbaß 16′ – 2002, Subbaß 16′, Oktavbaß 8′, Cello 8′ – 2002, Flötbaß 8′, Choralbaß 4′ – 2002, Gedackt 4′ – 2002, Hintersatz 5 fach, Posaune 16′, Trompete 8′, Clairon 4′, Kornett 2′.
Koppelingen: Hauptwerk – Rückpositiv, Hauptwerk – Schwellwerk, Hauptwerk – Kronwerk, Schwellwerk – Kronwerk, Pedal – Hauptwerk, Pedal – Rückpositiv, Pedal – Schwellwerk, Pedal – Schwellwerk 4′, Pedal – Kronwerk, Schwellwerk 16′, Schwellwerk 4′.
Speelhulpen: 3072 Setzer, Walze.