Foto’s 1 en 2: Wim van der Kooij © 2025
Foto’s 3 en 4: Kees Schout © 2026
The New Music Hall in Helsinki (Uusimaa) Finland, is een grote concertzaal, die op 31 augustus 2011 in gebruik is genomen. Het gebouw is een ontwerp van LPR-Arkkitehdit. Mede dankzij een donatie van Kaija Saariahio was er de mogelijk voor de bouw van een groot concertorgel. Het sleepladen-orgel met elektrische tractuur, ruim 120 registers, 4 manualen en een vrij pedaal is gebouwd door Rieger Orgelbau. Het front is een kunstwerk op zich met sculpturen van orgelpijpen en windkanalen in allerlei vormen. Het orgel is voorzien van twee speeltafels, een vrijstaande op het podium en een vaste aan de zijkant van het instrument. Enkele registers van het solowerk zijn zogenaamde ‘microtonale’ registers, met kwart-toonafstanden. De winddruk van het Positiv (derde manuaal) en het Orchesterwerk (eerste manuaal en pedaal) kan door de organist worden gevarieerd van 160 tot 5 mm waterkolom.
Het front heeft luiken die met een zweltrede open en dicht gedaan kunnen worden. Ook kan ervoor gekozen worden een aantal luiken dicht te laten.
De gekrulde pijpen voor de luiken zijn de met opzet zichtbaar gehouden windkanalen naar de diverse werken, maar er zitten ook sprekende pijpen tussen.
Met een zgn. “winddruk”-trede kan de winddruk binnen bepaalde grenzen worden ingesteld van onderdruk naar overdruk.
Ook is elke registerknop zo in te stellen dat bijv. een klein beetje (vals) geluid hoorbaar wordt.
Het orgel heeft een vaste- en een mobiele speeltafel.
De vaste speeltafel heeft in het bovenmanuaal nog een extra manuaal erachter waarmee elk octaaf van 12 toetsen naar 24 wordt uitgebreid.
Er zijn nog veel meer trucs/geluidseffecten in dit concertorgel te vinden, ten dienste van de concertorganist.
Het orgel is op 1 januari 2024 in gebruik genomen met een concert dat gegeven werd door Olivier Latry. Het pedaalklavier is concaaf.
Dispositie:
HAUPTWERK (II. MANUAL) (C – c4) 61 TOETSEN: Principal 16′, Bourdon 16′, Principal 8′, Rohrflöte 8′, Flûte Major 8′, Großquinte 5 1/3′, Octave 4′, Gemshorn 4′, Großterz 3 1/5′, Quinte 2 2/3′, Septième 2 2/7′, Octave 2′, Cornet 5 fach (8′), Fourniture 3 fach (2 2/3′), Plein Jeu 4-5 fach (1 1/3′), Cymbale Tierce 3 fach (1′), Posaune 16′, Trompete 8′, Klarine 4′.
ORCHESTERWERK (EXPRESSIF) (I. MANUAL) (C – c4) 61 TOETSEN: Salicional 16′, Bourdon 16′, Geigenprincipal 8′, Salicional 8′, Unda Maris 8′, Wienerflöte 8′, Dolce 8′, Dolce Céleste 8′, Gedeckt 8′, Octave 4′, Viola 4′, Flûte 4′, Violon 2′, Mixtur 3-4 fach (2′), Harmonia Aetherea 2-5 fach (2 2/3′), Basson 16′, Cor Anglais 8′, Clarinette 8′, Horn 8′, Tremulant.
POSITIV (III. MANUAL) (C – c4) 61 TOETSEN: Quintadena 16′, Principal 8′, Bourdon 8′, Salicional 8′, Quintadena 8′, Principal 4′, Flûte 4′, Nazard 2 2/3′, Quarte de Nazard 2′, Tierce 1 3/5′, Laricot 1 1/3′, Septième 1 1/7′, Sifflöte 1′, None 8/9′, Mixtur 4 fach (2′), Dulcian 16′, Trompette 8′, Cromorne 8′, Regal 8′, Tremulant.
RÉCIT EXPRESSIF (IV. MANUAL) (C – c4) 61 TOETSEN: Bourdon 16′, Diapason 8′, Flûte Harmonique 8′, Bourdon 8′, Viole de Gambe 8′, Voix Céleste 8′, Flûte Traversière 4′, Viole 4′, Nazard Harmonique 2 2/3′, Octavin 2′, Tierce Harmonique 1 3/5′, Plein Jeu 4 fach (1 1/3′), Bombarde 16′, Trompette Harmonique 8′, Hautbois 8′, Vox Humaine 8′, Clairon Harmonique 4′, Trémolo.
SOLO (FLOATING) (C – c4) 61 TOETSEN: Principal 8′, Flûte Harmonique 8′, Violoncelle 8′, Voix Céleste 8′, Principal 4′, Flute 4′, Tuba 8′, Tuba 4′, French Horn 8′, Clarinette 8′, Plein Jeu 4 fach (2′), Chimes 8′.
Solo Physharmonika: Physharmonika 16′, Physharmonica 8′, Celesta 8′.
Solo Microtonal: Violoncelle 8′, Principal 4′, Glissando 4′, Clarinette 8′.
CHAMADE (FLOATING) (C – c4) 61 TOETSEN: Chamade 16′, Chamade 8′, Chamade 4′.
PEDAL (C – g1) 32 TOETSEN: Principalbass 32′, Untersatz 32′, Principal 16′, Offenbass 16′, Violonbass 16′, Subbass 16′, Quintbass 10 2/3′, Oktavbass 8′, Gemshorn 8′, Bourdon 8′, Großterz 6 2/5′, Großquinte 5 1/3′, Großseptime 4 4/7′, Choralflöte 4′, Rauschquinte 4 fach (4′), Kontrabombarde 32′, Kontrafagott 32′, Bombarde 16′, Fagott 16′, Trompete 8′, Clairon 4′.
Orchester-Pedal (Expressif): Akustikbass 32′, Salicional 16′, Bourdon 16′, Salicional 8′, Gedecktbass 8′, Basson 16′, Basson 8′.
KOPPELINGEN: I. Manual – II. Manual, III. Manual – II. Manual, IV. Manual – II. Manual, II. Manual – I. Manual, III. Manual – I. Manual, IV. Manual – I. Manual, IV. Manual – III. Manual, I. Manual – Pedal, II. Manual – Pedal, III. Manual – Pedal, IV. Manual – Pedal, Suboktavkoppeln, Superoktavkoppeln.
SPEELHULPEN: Rieger REA Combinaton System.



