Övertorneå, Övertorneå Kyrka

Foto: Wikicraft, CC-BY-SA 3.0 (Wikimedia Commons)

Paul Müller bouwde in 1608 een nieuw mechanisch sleepladen-orgel met gedecoreerde frontpijpen, een Hoofd en een Rugpositief voor de Tyska Kyrka in Stockholm (Zweden). In 1780 werd het orgel door Mathias Svahlberg opgesplitst in 2 aparte orgels. Het Hoofdwerk werd geplaatst in Övertorneå Kyrka in Övertorneå (Norrbottens län) Zweden. Het niet meer bestaande rugwerk verhuisde naar Hedenäsets Kyrka in Hedenäset (Norrbottens län). Dit rugwerk ging daar in 2023 verloren door brand. In 1934-1971 was het orgel buiten gebruik gesteld. Men gebruikte in die tussentijd een pneumatisch orgel van Grönlund Orgelbyggeri. In 1971 restaureerde Grönlund het orgel van Övertorneå. In 1991-1998 volgde een omvangrijke restauratie en reconstructie onder leiding van Professor Hans-Ola Eriksson en Harald Vogel. In 2004 werd een stijlgetrouwe kopie met Hoofdwerk en Rugwerk in de Deutsche Kirche in Stockholm geplaatst waarbij de orgels van Övertorneå en Hedenäset als voorbeeld dienden.

Dispositie:

Hauptwerk (I): C – c3 (49 toetsen) Quintadena 16′, Principal 8′, Flachflöjt 8′, Gedackt 8′, Octava 4′, Spitzflöt 4′, Quinta 3′, Octava 2′, Mixtur III, Cymbel II, Trompet 8′.
Oberwerk: C – c3 (49 toetsen) Gedackt 8′, Octava 4′, Quinta 3′, Octava 2′, Octava 1′, Scharf II, Vox Humana 8′.
Pedalwerk: C – c1 (25 toetsen) Unter Bass 16′, Gedackter Bass 8′, Oktava Bass 4′, Posaunen Bass 16′, Dulsian Bass 8′, Trommeten Bass 8′, Corneten Bass 4′.
Overige registers: Vogelgesang.
Koppelingen: OW/HW, HW/Ped.