Foto: Zairon, CC-BY-SA 3.0 (Wikimedia Commons)
In 1764 bouwde Valentin Hochleithner een nieuw mechanisch sleepladen-orgel voor de kerk van het Zisterzienserstift in Schlierbach (Oberösterreich) Oostenrijk. Eind negentiende eeuw verkeerde het in slechte staat, waarna men besloot het te laten herbouwen door Leopold Breinbauer. Deze wilde een pneumatisch kegelladenorgel bouwen met acht oude registers. Door een brand in zijn werkplaats waren ruim 700 pijpen van Hochleithner verloren gegaan.
In 1985 bouwde de firma Mathis Orgelbau een geheel nieuw mechanisch sleepladen-orgel met 31 stemmen, 2 manualen en een vrij pedaal waarbij de historische kassen opnieuw werden gebruikt.
Dispositie:
HAUPTWERK (C – g3) 56 TOETSEN: Bourdon 16′, Prästant 8′, Hohlflöte 8′, Octave 4′, Spitzflöte 4′, Quinte 2 2/3′, Octave 2′, Cornet 5 fach (8′), Mixtur 3-4 fach (2′), Cymbel 2-3 fach (1′), Trompete 8′.
NEBENWERK (C – g3) 56 TOETSEN: Principal 8′, Bourdon 8′, Octave 4′, Flöte 4′, Nasard 2 2/3′, Octave 2′, Waldflöte 2′, Terz 1 3/5′, Quinte 1 1/3′, Scharf 4 fach (1 1/3′), Cromorne 8′, Vox Humana 8′, Tremulant.
PEDAL (C – f1) 30 TOETSEN: Principal 16′, Subbass 16′, Octave 8′, Gedacktbass 8′, Octave 4′, Posaune 16′, Trompete 8′, Clairon 4′.
KOPPELINGEN: Hauptwerk – Nebenwerk, Pedal – Hauptwerk, Pedal – Nebenwerk.
SPEELHULPEN: Pleno-Tritt Hauptwerk & Pedal.
