Foto’s: Stefan Braun (Köln) © 2026
Voor Nederlands: Zie onder Duitse tekst
Deutsch:
Die CPE-Bach-Orgel wurde 2010 durch die Fa. Freiburger Orgelbau Hartwig und Tilman Späth (D-March) errichtet. CPE Bach, auch „der Hamburger Bach“ genannt, war als Nachfolger von Telemann Kirchenmusikdirektor in Hamburg; er ist in der Krypta der Michaeliskirche begraben. Die Orgel hat Schleifladen mit mechanischen Trakturen; an den Generalspieltisch auf der Nordempore ist sie nicht angeschlossen. II / 13 P mit 676 Pfeifen.
Nederlands:
Het C. P. E. Bach-orgel werd in 2010 gebouwd door de Fa. Freiburger Orgelbau Hartwig en Tilman Späth (D-March). C. P. E. Bach, ook wel bekend als “de Hamburgse Bach”, volgde Telemann op als directeur van de kerkmuziek in Hamburg; hij ligt begraven in de crypte van de Michaeliskerk. Het orgel heeft sleepladen met mechanische tracturen; het is niet verbonden met de generaalspeeltafel op de noordgalerij. Het heeft 676 pijpen, 13 stemmen, 2 manualen en een vrij pedaal.
Dispositie:
I. HAUPTWERK (C – g3) 56 TOETSEN: Principal 8′, Holzflöte 8′, Octave 4′, Traversflöte 4′, Octave 2′, Quinte 1 1/2′.
II. OBERWERK (C – g3) 56 TOETSEN: Gedackt 8′, Rohrflöte 4′, Nazard 2 2/3′, Flöte 2′, Dulcian 8′.
PEDAL (C – f1) 30 TOETSEN: Subbaß 16′, Offenbaß 8′.
KOPPELINGEN: Hauptwerk – Oberwerk, Pedal – Hauptwerk, Pedal – Oberwerk.


