Roeselare, Onze Lieve Vrouwekerk

Foto’s en/of filmpjes gezocht:

Foto’s van dit orgel kunt u sturen naar info@orgelsite.nl

Op 26 september 1883 werd in de Onze Lieve Vrouwekerk te Roeselare een nieuw mechanisch sleepladen-orgel in gebruik genomen. Het instrument is gebouwd door Philippe Forrest. Clemens Carbon heeft de orgelkas gemaakt. In november 1917 is het orgel gedemonteerd en opgeslagen in Gent om het te beschermen tegen oorlogsschade. Oscar Anneessens heeft het in 1920 herplaatst in de kerk. Het instrument is lange tijd niet in optimale staat. Joseph Loncke reviseerde het in 1956, maar pas na een grondige restauratie en verbouwing in 1960/1961 door de firma Klais is het orgel weer in goede conditie. Bij deze restauratie is het orgel uitgebreid met een rugpositief. De dispositie werd aangepast aan de meer barokke voorkeur van die jaren. Op 10 september 1961 heeft de ingebruikname plaatsgevonden met een bespeling door Kamiel D’Hooghe. Tegenwoordig is de registertractuur elektrisch. Het orgel heeft 38 stemmen, 3 manualen en een vrij pedaal.

Dispositie:

HOOFDWERK (C – g3) 56 TOETSEN: Brompijp 16′, Prestant 8′, Gedekt 8′, Overblazende Fluit 8′, Prestant 4′, Kwintadeen 4′, Kwint 2 2/3′, Octaaf 2′, Cornet V sterk, Vulwerk IV sterk, Cimbaal II-III sterk, Spaanse Trompet 8′, Klaroen 4′.
RUGWERK (C – g3) 56 TOETSEN: Roerfluit 8′, Toogfluit 4′, Principaal 2′, Kleine Kwint 1 1/3′, Sifflet 1′, Cimbaal IV sterk, Dulciaan 16′, Roerschalmei 8′, Tremulant.
ZWELWERK (C – g3) 56 TOETSEN: Basviool 8′, Gedekt 8′, Principaal 4′, Overblazende Fluit 4′, Nasard 2 2/3′, Kleine Fluit 2′, Terts 1 3/5′, Scherp III-IV sterk, Trompet 8′, Zweving 8′, Tremulant.
VOETWERK (C – f1) 30 TOETSEN: Open Fluit 16′, Gedektbas 16′, Fluit 8′, Principaal 4′, Nachthoorn 2′, Groot Vulwerk IV sterk, Bazuin 16′.
KOPPELINGEN: Hoofdwerk – Rugwerk, Hoofdwerk – Zwelwerk, Rugwerk – Zwelwerk, Pedaal – Hoofdwerk, Pedaal – Rugwerk, Pedaal – Zwelwerk.
SPEELHULPEN: 2 vrije combinaties, Tutti.