Foto: Tjalling Roosjen © 2025
In 1683 bouwde Christoph Donati bouwde in 1683 een nieuw mechanisch sleepladenorgel met 2 manualen en pedaal voor de Schloßkirche te Eisenberg (Thüringen) Duitsland. In 1733 is het instrument door Heinrich Trost gereviseerd en met één register uitgebreid. Later verving men de Trompeta door een Flaute Travers 8′ en de Schallmeyen-Baß 4′ van het pedaal door een Octavbaß 8′. Andere veranderingen volgden in 1776 door Christian Gottlob en Gotthold Heinrich Donati, in 1862 door Carl Ernst Poppe en in 1900. De frontpijpen moesten in 1917 worden ingeleverd en daarna omgesmolten voor oorlogsdoeleinden, waarna deze zijn vervangen door zinken exemplaren.
In de jaren 1959-1963 heeft Gerhard Kirchner een reconstructie uitgevoerd. Adviseur bij deze werkzaamheden was Ullrich Dähnert. De firma Sauer maakte het pijpwerk, dat nauwkeurig in de stijl van Donati werd gefabriceerd. In 1963 kreeg het orgel ook een elektrische windmotor. In 1977 was een laatste revisie nodig. Het werk werd uitgevoerd door Wilhelm Rühle. Het instrument is omstreeks 1988 weer grondig gerestaureerd, ditmaal door de firma Eule.
Dispositie:
OBERWERCK (CD – c3) 48 TOETSEN: Principal 8′, Grobgedeckt 8′, Quintadena 8′, Flöthe Travers 8′, Octava 4′, Offne Flöthe 4′, Rohr-Flöthe 4′, Quinta 3′, Sohlflöthe 2′, Mixtur 5 fach (2′).
BRUSTWERCK (CD – c3) 48 TOETSEN: Gedackt 8′, Principal 4′, Nachthorn 4′, Spizflöthe 2′, Quinta 1 1/2′, Sifflet 1′, Singend Regal 8′.
PEDAL (C – d°) 27 TOETSEN: Sub-Bass 16′, Octav-Bass 8′, Posaunen-Bass 16′, Trompeten-Bass 8′.
OVERIGE REGISTERS: Vogel Gesang.
KOPPELINGEN: Oberwerck – Brustwerck, Pedal-Coppel.
SPEELHULPEN: Tremulant, Sperr ventil Zu jeder Lade.
