Foto’s: Andrew & Jane Wood © 2020
In de Laurentiuskirche in Bludenz (Vorarlberg) staat een pijporgel dat in eerste aanleg in 1836 is gebouwd door Karl Mauracher (1879-1844). In 1840 is de galerij verbouwd. In 1875/1876 plaatste de Gebrüder Mayer een nieuw binnenwerk in de oude kas en met pijpwerk van Mauracher. Edmund Hohn restaureerde het orgel in 1970 waarbij de dispositie is gewijzigd. Het instrument heeft mechanische tractuur, kegelladen, 22 stemmen, 2 manualen en een vrij pedaal.
Dispositie:
Hauptwerk (C-f3): 54 toetsen Bordun 16′, Principal 8′, Principalflöte 8′, Gamba 8′, Dolce 8′, Octav 4′, Flöte 4′, Salicet 4′, Quint 2 2/3′, Waldflöte 2′, Sesquialter 2 fach, Mixtur 3-4 fach.
Rückpositiv (C-f3): 54 toetsen Gedeckt 8′, Salicional 8′, Principal 4′, Flöte 4′, Octav 2′.
Pedal (C-d1): 27 toetsen Violon 16′, Subbaß 16′, Octavbaß 8′, Choralbaß 4′, Posaune 8′.
Koppelingen: Hauptwerk – Rückpositiv, Pedal – Hauptwerk, Pedal – Rückpositiv.

