Foto: Hjanko, CC-BY-SA 3.0 (Wikimedia Commons)
Johann Ignaz Egedacher bouwde in 1721 een nieuw orgel voor de Stiftskirche in Rohrbach. Het vervangt een orgel van Andreas Putz uit 1636. Het nieuwe instrument had vermoedelijk twee manualen en pedaal met 15 registers. De dispositie is helaas niet overgeleverd.
In 1902 heeft Johann Lachmayr een nieuw orgel gebouwd in de kas van Egedacher, omdat het oude werk in slechte staat verkeerde en reparatie niet meer zinvol werd geacht. Op 6 mei 1902 werd het nieuwe orgel ingewijd. Het instrument had pneumatische tractuur met kegelladen en 17 registers. De frontpijpen zijn ook door Lachmayr vernieuwd, maar deze werden in 1917 niet gevorderd.
In 1970 bouwde de firma Oscar Metzler & Söhne een nieuw mechanisch sleepladen-orgel in de kas door de firma Metzler. Dit orgel werd op 28 juni 1970 gewijd. Het is een tweeklaviers instrument met 24 registers en een vrij pedaal.
Dispositie:
HAUPTWERK (C – f3) 54 TOETSEN: Quintadena 16′, Prinzipal 8′, Hohlflöte 8′, Octav 4′, Spitzflöte 4′, Quinte 2 2/3′, Octav 2′, Cornet 5 fach (discant), Mixtur 4 fach, Cimbel 3 fach, Trompete 8′.
BRUSTWERK (C – f3) 54 TOETSEN: Holzgedackt 8′, Prinzipal 4′, Rohrflöte 4′, Octav 2′, Waldflöte 2′, Nasard 1 1/3′, Scharff 3-4 fach, Vox Humana 8′, Tremulant.
PEDAL (C – f1) 30 TOETSEN: Subbass 16′, Octav 8′, Octav 4′, Posaune 16′, Trompete 8′.
KOPPELINGEN: Hauptwerk – Brustwerk, Pedal – Hauptwerk, Pedal – Brustwerk.
SPEELHULPEN: Tremulant.
