Foto’s: Sietze de Vries © 2008 http://picasaweb.google.nl/linguaal
In 1701 werd een nieuw mechanisch sleepladen-orgel gebouwd door Arp Schnitger voor de Jacobikerk in Uithuizen (Groningen). Schnitger bouwde het zonder gebruik te maken van onderdelen uit het oude orgel van de kerk, dat gebouwd was door Theodorus Faber. Reparaties werden later verricht door Radeker (1708 en 1710), Hinsz (1747 en 1785) en Dirk Lohman (1810/1811) en N.A. Lohman (1830). Bij de reparatiewerkzaamheden in 1785 werkte Albertus Anthoni Hinsz zelf niet meer mee. Hierbij werd een nieuwe klaviatuur gemaakt, met een volledige klavieromvang. De toegevoegde toetsen in het groot octaaf werden doorgekoppeld naar het klein octaaf. De windladen werden dus niet vervangen. Petrus van Oeckelen heeft verschillende wijzigingen uitgevoerd in de jaren 1854/1855. Zo heeft hij een nieuwe windlade gemaakt voor het hoofdwerk, en nieuwe windkanalen. De dispositie werd ook veranderd. In 1987 heeft Bernardt Edskes het rugwerk gerestaureerd onder advies van Klaas Bolt. Hij bracht het terug in de oorspronkelijke situatie. De door Van Oeckelen verschoven Quint 1 1/3′ (naar een Flageolet 1′) werd gereconstrueerd. De Carillon III werd vervangen door een Scherp IV sterk en de Viola di Gamba werd vermaakt tot een Quintadeen 8′. In 1998 is begonnen met de restauratie van het hoofdwerk en het pedaal. Bernhardt Edskes heeft ook deze restauratie uitgevoerd, waarbij de doelstelling was: herstel van de oorspronkelijke situatie. Op 15 juni 2001 nam men het orgel weer opnieuw in gebruik.
De stemmingstemperatuur is Gemodificeerde 1/5-kommastemming (middentoon), de toonhoogte is a’ = 466 Hz. De winddruk is 71 mm.
De dispositie van het orgel: (Arp Schnitger 1701, restauratie 2001)
HOOFDWERK: CDE – c3 (47 TOETSEN)
Praestant 8
Holpyp 8
Octaav 4
Spitsfluyt 4
Quint 3
Superoctaav 2
Siflet 1 1/2
Mixtuer 4-5 st.
Trompet 8
Vox Humana 8
RUGPOSITIEF: CDE – c3 (47 TOETSEN)
Holpyp 8
Quintadena 8
Praestant 4
Holpyp 4
Octaav 2
Woudfluyt 2
Quint 1 1/2
Scherp 4 st.
Sesquialter 2 st.
Dulciaan 8
PEDAAL: CDE – d1 (27 TOETSEN)
Bourdon 16
Octaav 8
Octaav 4
Nachthoorn 2
Mixtuer 4 st.
Basuyn 16
Trompet 8
Cornet 2
Koppelingen: Manuaalkoppel – Hinsz; schuifkoppel, Pedaalkoppel – Van Oeckelen.
Speelhulpen: Tremulant – 2001; opliggend, Afsluyting Manuael, Afsluyting Rughposityf, Afsluyting Pedael, Windlosser, Calcant.
| Vulstem | Samenstelling |
| Mixtuer IV-V sterk (Hoofdwerk) | C: 2/3′ – 1/2′ – 1/3′ – 1/4′. c°: 1 1/3′ – 1′ – 2/3′ – 1/2′. c’: 2′ – 1 1/3′ – 1′ – 2/3′. f’: 2 2/3′ – 2′ – 2′ – 1 1/3′ – 1 1/3′. c”: 2 2/3′ – 2′ – 2′ – 1 1/3′ – 1 1/3′. |
| Sesquialter II sterk (Rugwerk) | C: 1 1/3′ – 4/5′. c°: 2 2/3′ – 1 3/5′. |
| Scherp IV sterk (Rugwerk) | C: 1/2′ – 1/3′ – 1/4′ – 1/4′. c°: 1′ – 2/3′ – 1/2′ – 1/2′. c’: 2′ – 1 1/3′ – 1′ – 1′. c”: 2 2/3′ – 2′ – 1 1/3′ – 1 1/3′. |
| Mixtuer IV sterk (Pedaal) | C: 1′ – 2/3′ – 1/2′ – 1/3′. G: 1 1/3′ – 1′ – 2/3′ – 1/2′. c°: 2′ – 1 1/3′ – 1′ – 2/3′. c’: 2′ – 1 1/3′ – 1′ – 2/3′. |









