Falaise, Église Notre-Dame-de-Guibray

Foto: Bram Luteyn © 2018

In de kerk van Notre-Dame de Guibray in Falaise (Calvados (14)) werd in 1746 een nieuw mechanisch sleepladen-orgel gebouwd door Claude Parisot. De galerij is in 1745 vervaardigd door Jean en Joseph le Roy. De orgelkas werd in 1746 gemaakt. Het is een werkstuk van Jacques Chaplain uit Argentan. De kerk werd in 1792 aan de eredienst onttrokken. Het orgel bleef wel in functie voor feestelijke bespelingen. Toen in 1803 de mis weer in het gebouw mocht worden opgedragen moest het orgel worden gereviseerd. Toch duurde het nog tot 1833 voor het instrument werd gewijzigd bij een restauratie door de firma Claude uit Mirecourt. Een kleine wijziging was het toevoegen van een Hautbois in 1900 door Joseph Koening. In 1944 raakte de kerk zwaar beschadigd door bombardementen. Het orgel kwam in de buitenlucht te hangen, en had veel te lijden van het weer. De orgelkas is in 1955 op de monumentenlijst geplaatst. Erwin Muller restaureerde hierna het orgel in de jaren 1970-1974. Op 16 juni 1974 is het opnieuw feestelijk in gebruik genomen met een bespeling door Marie-Claire Alain.

Dispositie:
Grand-Orgue: CD – d3  Bourdon 16′, Montre 8′, Bourdon 8′, Dessus de Flûte 8′, Prestant 4′, Nasard 2 2/3′, Doublette 2′, Quarte de Nasard 2′, Tierce 1 3/5′, Fourniture 4 rangs, Cimballe 3 rangs, Grand Cornet 5 rangs, Trompette 8′, Voix Humaine 8′, Clairon 4′.
Positif: CD – d3 Bourdon 8′, Dessus de Flûte 8′, Prestant 4′, Flûte 4′, Nasard 2 2/3′, Doublette 2′, Tierce 1 3/5′, Larigot 1 1/3′, Fourniture 3 rangs, Cimballe 2 rangs, Cromorne 8′.
Récit: c1 – d3 Cornet 5 rangs, Trompette 8′, Tremblant Fort, Tremblant Doux.
Écho: c1 – d3 Bourdon 8′, Cornet 4 rangs.
Pédale: C-c1 Flûte 8′, Flûte 4′, Trompette 8′, Clairon 4′.
Koppelingen: Accouplement du Positif au Grand-Orgue.