Groningen, Kistorgel Tymen Jan Bronda

Foto: © Rien van Binnendijk 2024

Tymen Jan Bronda bezit een kistorgel dat in 2009/2010 gebouwd is door Hendrik Ahrend.

Dispositie:
Gedackt 8′ B/D
Flöte 4′ B/D
Principla 8′ B
Octaven 2′ B/D
Het pijpwerk is grotendeels gemaakt van Amerikaans notenhout. Voor de boventoetsen is gebruik gemaakt van been en ebbenhout, voor de
ondertoetsen van het klavier van letterhout, ook wel ‘slangenhout’ genoemd. 
De orgelkas is met het oog op transport opgebouwd uit een boven- en onderdeel. Het kleinere onderdeel bevat de
keilbalg en elektrische windmotor. Het bovenste deel bevat windlade, pijpwerk, mechaniek en een afneembare les-
senaar. Aan weerszijden zijn twee grepen bevestigd waarmee het instrument eenvoudig opgetild kan worden.
De klaviatuur loopt van C tot en met d3 (op 415 Herz) en is zowel een halve toon omhoog als naar beneden verstel-
baar. Haar mechaniek functioneert uiterst eenvoudig en is daardoor zeer precies: via een kaarsrecht stekermechaniek
worden de ventielen in de onderliggende windlade direct geopend. De bediening van de registers be-vindt zich rechts
van de klaviatuur en is direct aangesloten op de slepen van de windlade. De registers zijn verdeeld in bas en discant.
Het pijpwerk staat alleen in het bovenste deel van het orgel en is uiterst ergonomisch opgesteld. Het basisregister (op
8-voets basis) is een Gedackt (heeft daardoor maar een 4-voets lengte nodig) en bestaat uit dunwandig notenhout
met enge mensuur. De baspijpen van de Gedackt zijn liggend gestapeld. De grootste pijpen vormen de achterwand
van het instrument. Aan voor- en zijkanten is het instrument voorzien van snijwerk om uitstraling van het pijpwerk
naar buiten te optimaliseren. Het snijwerk is een replica van het snijwerk dat te vinden is in het historische Manderscheidt positief dat in Fribourg (Zwitserland) staat. Naast de Gedackt is gekozen voor nog een 8-voets register, zij het dan alleen op drie tonen na discant. Om aan te sluiten bij de huidige opvattingen in de wereld van het barokke
continuospel is gekozen voor een Principal 8’ vanaf klein a. Dit register is eveneens van notenhout gemaakt.
Dan resteren nog de Gedacktflöte 4‘ en de Octave 2‘ (notenhout). De mensuren van de 4-voet lopen naadloos over in
die van de Gedackt. Ze vormen daardoor als het ware één register. De klank van het instrument is weliswaar kamer-
muzikaal gedacht, en daarom ook op de kamersterkte ingesteld, maar draagt toch heel goed in grote kerkruimten. De
bas van de Gedackt is naar onderen toe mooi belijnd en spreekt goed aan. De 2-voet is een open Octaaf van noten-
hout en is met een metalen stemlap bij te stemmen. Ze staat geheel vooraan op de windlade. Mensuren van het klavier zijn kleiner dan die van een groot kerkorgel.
Wel is naar klassiek voorbeeld een ruimere afstand genomen tussen de boventoetsen cis en dis.
Specificaties:
Dispositie: 
Gedackt 8‘ 
Principal 8‘ (vanaf a0) 
Gedacktflöte 4‘ 
Octave 2‘ (Amerikaans notenhout)
Toonomvang: C – d³ (bij a1 = 415 Herz)
Klaviatuur: transponeerbaar naar 465 en 440 Herz
Speelmechaniek: slijtvrije stekermechaniek
Bediening registers: bas en discant
Windlade: eikenhout, gedeelde slepen
Windvoorziening: keilbalg en elektrische windmotor in onderste deel ingebouwd.
Kas: vlammend Frans notenhout; gesneden vullingen
Afmeting:
breedte ca. 96 cm (103 incl. grepen), hoogte 98 cm (onderste deel 29 cm),
diepte 48 cm
Bouwjaar: 2009-2010