Foto: © Dennis Wubs
Het mechanische sleepladen-orgel is in 1916 door Martin Vermeulen gebouwd met gebruikmaking van een windlade en oud pijpwerk uit 1782 van Pieter van Peteghem. In 2002 is het gerestaureerd en uitgebreid door Mense Ruiter.
Dispositie:
Hoofdwerk: Bourdon 16′, Prestant 8′, Salicionaal 8′, Roerfluit 8′, Quintadeen 8′, Octaaf 4′, Fluit 4′, Quint 3′, Octaaf 2′, Cornet V sterk (discant) – 1915/2002, Mixtuur II-III-IV sterk – 1915/1971, Trompet 8′.
Bovenwerk: Holpijp 8′, Viool 8′ – oud, Prestant 4′, Fluit 4′, Fluit 2′ – 1950/2002, Flageolet 1′ – 1971, Klarinet 8′ – 2002.
Pedaal: Subbas 16′, Openbas 16′ – 1971/2002, Octaafbas 4′ – 2002, Bazuin 16′ – 2002.
Koppelingen: Hoofdwerk – Bovenwerk, Pedaal – Hoofdwerk, Pedaal – Bovenwerk.
Speelhulpen: Tremulant.
