Brandenburg an der Havel, Sankt Katharinenkirche

Foto’s: Tjalling Roosjen © 2012

In 1726 bouwde Joachim Wagner een nieuw orgel voor de Katharinenkirche in Brandenburg an der Havel. In 1898 bouwde Wilhelm Sauer een nieuw pneumatisch kegelladen-orgel in de oude barokke orgelkast. Alexander Schuke bouwde het instrument in 1937 om. De tractuur werd nu elektro-pneumatisch. In 1993 restaureerde Alexander Schuke het orgel. Hij voegde tevens een Setzer toe met 64 mogelijkheden. In 2018 is het binnenwerk geheel omgebouwd door Alexander Schuke. Het oude pijpwerk en de originele speeltafel van Sauer zijn bewaard gebleven en verwerkt in het nieuwe orgel.

Dispositie:

Hauptwerk: 
Prinzipal 16′
Prinzipal 8′
Rohrflöte 8′
Gemshorn 8′
Nasat 5 1/3′
Oktave 4′
Nachthorn 4′
Quinte 2 2/3′
Oktave 2′
Mixtur 3 fach
Scharff 6 fach
Trompete 16′
Trompete 8′

Oberwerk: 
Gedackt 8′
Quintadena 8′
Prinzipal 4′
Rohrflöte 4′
Nasat 2 2/3′
Oktave 2′
Waldflöte 2′
Sifflöte 1′
Sesquialtera 2 fach
Scharff 4 fach
Rankett 16′
Krummhorn 8′
Tremulant

Schwellwerk: 
Quintade 16′
Prinzipal 8′
Koppelflöte 8′
Salizional 8′
Oktave 4′
Pommer 4′
Nachthorn 2′
Mixtur 5 fach
Cymbel 3 fach
Fagott 16′
Trichterregal 8′
Schalmey 4′
Tremulant

Pedal: 
Contrabaß 32′
Prinzipal 16′
Subbaß 16′
Oktave 8′
Baßflöte 8′
Oktave 4′
Bauernflöte 2′
Mixtur 8 fach
Posaune 16′
Trompete 8′
Clairon 4′

Koppelingen:
Hauptwerk – Oberwerk
Hauptwerk – Schwellwerk
Oberwerk – Schwellwerk
Pedal – Hauptwerk
Pedal – Oberwerk
Pedal – Schwellwerk
Pedal – Schwellwerk 4′

Speelhulpen: 
64 Setzerkombinationen
Rollschweller