De Gereformeerde Kerk te Brouwershaven vestigde zich in 1905 in het pand van de herberg ‘De maagd van Mechelen’ aan de Haven-Noordzijde in de stad. Het gebouw werd omgebouwd tot kerk en in de jaren twintig voorzien van een nieuwe voorgevel. De firma Dekker te Goes bouwde in 1910 een klein pneumatisch kegelladen-orgel, dat tijdens de ingebruikname werd bespeeld door dhr. C.J. de Mey uit Goes. De kerk is na de vrijmaking in 1946 tot 1956 in gebruik gebleven bij zowel de Gereformeerde Kerk (Synodaal) als de Gereformeerde Kerk (Vrijgemaakt). In 1956 namen de synodalen een eigen kerkgebouw in gebruik. Het orgel van Dekker was rond 1970 niet meer bespeelbaar. Er werd tijdelijk een elektronium geplaatst. In 1975 heeft men de firma Vierdag de opdracht gegeven om een nieuw mechanisch sleepladen-orgel met 11 stemmen, 2 manualen en een vrij pedaal te bouwen. Vier registers van het orgel van Dekker en de orgelkas werden opnieuw gebruikt. Dirk Janszoon Zwart was adviseur bij de bouw. Het orgel is in 1978 in gebruik genomen.
Dispositie:
HOOFDWERK (C-f3): 54 TOETSEN Prestant 8′ – 1910, Roerfluit 8′, Octaaf 4′ – 1910, Roerfluit 4′, Mixtuur II-III sterk.
NEVENWERK (C-f3): 54 TOETSEN Holpijp 8′ – 1910, Fluit 4′ – 1910, Nasard 3′, Woudfluit 2′, Echo Trompet 8′.
PEDAAL (C-d1): 27 TOETSEN Bourdon 16′.
KOPPELINGEN: Hoofdwerk – Nevenwerk, Pedaal – Hoofdwerk, Pedaal – Nevenwerk.
Link: Orgelsinzeeland.nl