Bingen am Rhein, Basilika Sankt Martin, Hildegardisorgel, vm. Brugge, Sint Salvatorkathedraal

Foto: Tjalling Roosjen © 2020

Het hoofdorgel van de Sint Salvatorkathedraal in Brugge (West-Vlaanderen) België werd in 2020 omgebouwd en vernieuwd. In verband hiermee heeft men een oud Engels orgel gekocht, dat door de firma’s Andriessen en Škrabl is gerestaureerd en opgebouwd in de kathedraal. Er is een vrijstaande verplaatsbare speeltafel geplaatst. Op 7 april 2011 is het sleepladen-orgel met elektrische tractuur in gebruik genomen met een concert door kathedraalorganist Ignace Michiels.
Het orgel is in 1851 gebouwd als mechanisch sleepladen-orgel met 16 stemmen, 2 manualen en een vrij pedaal door William Hill & Sons voor de Great Exhibition in South Kensington (UK). Na deze expositie werd het instrument overgeplaatst naar de Pitt Street Methodist Church in Barnsley, South Yorkshire (UK). Abbott & Smith reviseerde het orgel in 1892 en vergrootte het tot 23 stemmen. William Andrews bouwde het orgel in 1921 opnieuw om en breidde het uit met een derde klavier. In 1957 fuseerde de Pitt Street Methodist Church met de Blucher Street Methodist Church in Barnsley, waar een Conacher-orgel uit 1927 stond. Conacher bouwde het Hill-orgel in 1957 om en breidde het uit tot 45 stemmen, 3 manualen en een vrij pedaal. Er werd ook elektrische tractuur aangelegd en een nieuwe vrijstaande speeltafel met 3 manualen geplaatst. In 1990 is het orgel verkocht naar de Baptist Church in Sandy. In 2008 werd deze kerk gesloten waarna het orgel werd verkocht aan de kathedraal in Brugge waar het een nieuw front kreeg. In 2022 waren het nieuwe hoofd- en koororgel voltooid en werd het Hill/Conacher orgel overcompleet. Het is in 2025 verkocht en in datzelfde jaar overgeplaatst naar de Basilika Sankt Martin in Bingen am Rhein (Rheinland-Pfalz) Duitsland. Eind 2025 is het als Hildegardisorgel geplaatst in Bingen achter een nieuw front dat in 2015 werd ontworpen door Lothar D. Zickermann. Het is de bedoeling dat het instrument in november 2026 ingewijd wordt tijdens het Martinsfest.

Dispositie:

GREAT (C – c4) 61 TOETSEN: Contra Geigen 16′, Large Open Diapason 8′, Medium Open Diapason 8′, Small Open Diapason 8′, Hohlflute 8′, Dulciana 8′, Principal 4′, Harmonic Flute 4′, Twelfth 2 2/3′, Fifteenth 2′, Mixture 4 ranks, Contra Tromba 16′, Tromba 8′, Octave Tromba 4′.
CHOIR (C – c4) 61 TOETSEN: Viola 8′, Lieblich Gedackt 8′, Dulciana 8′, Flute 4′, Piccolo 2′, Clarinet 8′, Tremulant, Orchestral Oboe 8′.
SWELL (C – c4) 61 TOETSEN: Lieblich Bourdon 16′, Violin Diapason 8′, Rohr Flöte 8′, Viol d’Orchestra 8′, Voix Celestes 8′, Gemshorn 4′, Flute 4′, Fifteenth 2′, Mixture 3 ranks, Contra Fagotto 16′, Cornopean 8′, Oboe 8′, Clarion 4′, Tremulant.
PEDAL (C – g1) 32 TOETSEN: Harmonic Bass 32′, Open Diapason 16′, Geigen 16′, Bourdon 16′, Octave 8′, Bass Flute 8′, Flute 4′, Trombone 16′, Tromba 8′, Clarion 4′.
KOPPELINGEN: Choir to Great, Swell to Great, Swell Octave to Great, Swell to Choir, Great to Pedal, Choir to Pedal, Swell to Pedal, Great Octave, Swell Octave, Swell Suboctave, Swell Unison Off.