Colmar, Église Collégiale Saint-Martin, Hoofdorgel

Foto: Ansichtkaart

  • Johann Andreas Silbermann leverde in 1755 een fraai orgel voor de Église Collégiale Saint-Martin in Colmar. In 1828 breidde Callinet het orgel uit. Het historische binnenwerk ging verloren in 1911, toen er door Rinckenbach een groot electro-pneumatisch kegelladen-orgel in de oude kassen werd geplaatst. Dit instrument had 82 stemmen, en was in die tijd het grootste orgel in de Elzas. De oude frontpijpen werden in 1917 gevorderd t.b.v. de oorlogsindustrie.
  • Het elektro-pneumatische orgel is in 1979 vervangen door het huidige binnenwerk met mechanische tractuur en sleepladen, geleverd door de Zwitserse firma Felsberg. Van het Silbermann-orgel waren nog 12 stemmen bewaard gebleven, maar deze zijn niet gebruikt voor de bouw van dit binnenwerk. Het huidige orgel is in de Scandinavische neo-barokstijl gebouwd, absoluut niet passend bij het werk van Silbermann. De twaalf Silbermann-registers zijn onder andere gebruikt voor de reconstructie van het Silbermann-orgel in de Église des Dominicains in Colmar.

Dispositie:

Hauptwerk: C – g3 Montre 16′, Montre 8′, Flûte à Cheminée 8′, Viole de Gambe 8′, Prestant 4′, Flûte Conique 4′, Rauschpfeife 2 2/3′, Gemshorn 2′, Quinte 6 fach (1 1/3′), Mixture 5-6 fach (1 1/3′), Cymbale 4 fach (2/3′), Trompette 16′, Trompette 8′.
Rückpositiv: C – g3 Montre 8′, Bourdon 8′, Quintaton 8′, Prestant 4′, Flûte à Cheminée 4′, Nazard 2 2/3′, Doublette 2′, Larigot 1 1/3′, Sesquialtera 2 fach (2 2/3′), Mixture 4 fach (1′), Cymbale 3-4 fach (1/2′), Dulzian 16′, Trichterregal 8′.
Oberwerk: C – g3 Bourdon 8′, Flûte à Cheminée 4′, Flûte Conique 2′, Sifflet 1′, Quinte 2/3′, Terzian 2 fach (2 2/3′ + 1 3/5′), Voix Humaine 8′, Regal 8′.
Pedaal: C – f3