Dordrecht, Evangelisch Lutherse Kerk, Hoofdorgel

Foto’s: Michiel van ’t Einde © 2012

In 1733 bouwde Vitus Wichleben een orgel in de Lutherse Kerk, een werk dat veel problemen opleverde, zodat het uiteindelijk door ene N. Smit is voltooid. Dit instrument werd in 1778 afgebroken en vervangen door een éénklaviers orgel van Wolfferts. Hij maakte hierbij gebruik van enkele stemmen uit het oude orgel. Het front is door Jan van Galen ontworpen. Op 24 januari 1779 nam men het in gebruik.Twee jaar later maakte Wolfferts een tweede manuaal als bovenwerk. Het pedaal bleef aangehangen. Reparaties werden gedaan door P.J. Geerkens in 1823 en door A. van den Haspel in de jaren 1872-1874. Van den Haspel (van de firma Schölgens & Van den Haspel) wijzigde de dispositie, verplaatste de klaviatuur, vergrootte omvang van de klavieren (van c”’ naar f”’). De Hoofdwerklade is in 1874 gemaakt. In 1953 is het orgel gerestaureerd door Van Vulpen, waarbij enige wijzigingen werden uitgevoerd. Op de vrije plaats van het Bovenwerk kwam een Dulciaan 8′ te staan. Op 9 november 1954 werd het weer in gebruik genomen met een concert door Feike Asma. Na de kerkrestauratie van 1963 tot 1965 plaatste Flentrop het instrument weer in 1965 in de kerk. Hierbij werd de intonatie herzien. Op 11 juli 1965 werd het weer in gebruik genomen. Vanaf 1987 werd gewerkt aan de voorbereiding van een technische restauratie door Flentrop. Adviseur was Klaas Bolt. Deze werkzaamheden zijn in 1992 gereed gekomen.

De dispositie van het oude orgel: (1733 en later)
Prestant 8
Holpijp 8
Quintadeen 8
Prestant 4
Octaaf 2
Quint 3
Sexquialtra
Mixtuur 3-4 st.
Dulciaan 8
Tramblant

De dispositie van het Andreas Wolfferts-orgel: (1779, met gebruikmaking van ouder pijpwerk)

Hoofdwerk: (C-f3)
Prestant 16 D
Bourdon 16 B
Prestant 8
Holpijp 8
Octaaf 4
Fluit 4
Quint 3
Octaaf 2
Mixtuur
Cornet
Trompet 8 B/D

Nevenwerk: (C-f3)
Holpijp 8
Viool 8
Gemshoorn 4
Fluit 4
Quintfluit 3
Woudfluit 2
Dulciaan 8

Pedaal: (C-d1)
Bourdon 16

Koppelingen:
Manuaalkoppel
Pedaalkoppel