Foto’s: Bram Luteyn © 2025
Georges Wegmann bouwde n 1841/1842 een nieuw mechanisch sleepladen-orgel voor de Église Catholique Saint-Maurice in Fegersheim (Bas-Rhin (67)) Frankrijk. De architect Louis Martin Zégowitz uit Straatsburg ontwierp de orgelkas. Henri Lack was adviseur bij de bouw. Joseph Stiehr reviseerde in 1856 de mechanieken. In 1887 werd de kas verfraaid met enkele barokke beelden. Roethinger bouwde in 1916/1917 het orgel om: de organist wilde het hoofdmanuaal onder, en het rugwerkmanuaal boven. Tijdens deze verbouwing zijn de oude tinnen frontpijpen gevorderd en omgesmolten voor oorlogsdoeleinden en vervangen door van zink gemaakte exemplaren. In 1954 reviseerde Schwenkedel he orgel. Muhleisen heeft het orgel in 1996 geheel gerestaureerd. Het instrument heeft 25 stemmen, 2 manualen en een vrij pedaal.
Dispositie:
GRAND ORGUE (C-f3) 54 TOETSEN: Bourdon 16′, Montre 8′, Bourdon 8′, Flûte 8′, Gambe 8′, Prestant 4′, Flûte 4′, Doublette 2′, Cornet 5 rangs, Fourniture 3 rangs, Trompette 8′, Clairon 4′, Tremblant.
POSITIF (C-f3) 54 TOETSEN: Bourdon 8′, Salicional 8′, Montre 4′, Flageolet 4′, Flûte 4′, Doublette 2′, Basson-Hautbois 8′, Tremblant.
PÉDALE (C-f1) 30 TOETSEN: Contrebasse 16′, Octave Basse 8′, Violoncelle 8′, Prestant 4′, Bombarde 16′, Trompette 8′.
KOPPELINGEN: Accouplement du Positif au Grand Orgue, Tirasse Grand Orgue, Tirasse Positif.

