Foto’s: Stefan Braun (Köln) 2026
Eine Deutsche Beschreibung finden Sie weiter unten.
De Herz-Jesu-Kirche in Schmallenberg-Gleidorf (Nordrhein-Westfalen), die in 1984 werd ingewijd, kreeg pas in 2009 een pijporgel. Dit instrument werd gebouwd in 1871/72 door George Maydwell Holdich (GB-London); voor welke kerk het oorspronkelijk bestemd was, is onbekend. In ieder geval werd het in 1895 verplaatst naar de Wesley Methodist Church aan South Street in London en in 1931 naar de Methodist Church aan High Street in Londen-Enfield, Ponders End. Daar was het al vele jaren niet meer bespeeld. Dankzij de bemiddeling van orgelbouwer Stephan Oppel (D-Schmallenberg) werd het orgel verworven door de gemeente van Gleidorf, door hem gerestaureerd en in 2009 op een speciaal daarvoor gebouwde galerij geplaatst.
II / 21 /P op sleepladen met mechanische toets- en registertractuur. Het zwelpedaal is typerend voor de periode en de Engelse regio, een pedaal met meerdere standen rechtsboven de hoogste pedaalnoot (zie foto). De “Diocton Swell” is een octaafkoppeling van een ontwerp dat is ontwikkeld en gepatenteerd door Holdich. Daarnaast zijn er 6 combinatietreden, een trede voor de koppeling “Great to Pedals”, en een mechanisch bediende wind-/balgniveau-indicator – een metalen gewicht aan een draad dat naast de lessenaar hangt, aan het andere uiteinde verbonden is met de bovenkant van de balg en verticaal meebeweegt. (Organisten van buiten de regio trekken er soms tevergeefs aan om de verlichting of het orgel aan te zetten…)
Deutsch:
Die 1984 eingeweihte Neue Kirche erhielt erst 2009 eine Pfeifenorgel. Diese wurde 1871/72 von George Maydwell Holdich (GB-London) erbaut; für welche Kirche ist nicht bekannt. 1895 wurde sie jedenfalls in die Wesley Methodist Church / South Street in London und 1931 in die Methodist Church / High Street in London-Enfield / Ponders End transloziert. Dort wurde sie zuletzt jahrelang nicht mehr gespielt. Auf Vermittlung des Orgelbauers Stephan Oppel (D-Schmallenberg) wurde sie von der Gemeinde in Gleidorf erworben, durch ihn restauriert und 2009 auf einer eigens errichteten Empore aufgestellt.
II / 21 P auf Schleifladen mit mechanischer Spiel- und Registertraktur. Der Schwelltritt ist zeit- und regionaltypisch als mehrfach einrastbarer Tritt rechts über der höchsten Pedaltontaste eingerichtet (vgl. Foto). „Diocton Swell“ ist eine Oktavkoppel in einer von Holdich entwickelten und patentierten Bauweise. Außerdem 6 Gruppentritte, Tritt für die Koppel Great to Pedals und ein mechanisch funktionierender Wind-/Balgstandsanzeiger – ein Metallgewicht an einem Faden, der neben dem Notenpult herunterhängt, am anderen Ende mit dem oberen Rand des Balges verbunden ist und mit ihm vertikal „wandert“. (Ortsfremde Organisten ziehen manchmal vergeblich daran, um das Licht oder die Orgel einzuschalten …)
Dispositie:
GREAT: Open Diapason 8′, Dulciana 8′, Bell Gamba 8′, Stopped Diapason Bass 8′ (C-B), Clarabella 8′, Principal 4′, Flute 4′, Fifteenth 2′, Mixture 2 ranks, Clarionet 8′.
SWELL: Double Diapason 16′, Open Diapason 8′, Lieblich Gedact 8′, Keraulophon 8′, Principal 4′, Piccolo 2′, Horn 8′, Oboe 8′.
PEDAL: Open Diapason 16′, Bourdon 16′, Violon 8′.
KOPPELINGEN: Swell to Great, Great to Pedals, Swell to Pedals, Diocton Swell.







