Hattem, huisorgel dhr. Oenk

Foto’s: Wim Verburg – 2002

Bron tekst:  dhr. Oenk

Verdere gegevens:
Maten: breed 154 cm, diep 75 cm, hoog 220 cm.
Forte-klep in het dak
Pedaal: Amerikaans grenen
Balg: 140 / 70 x 40, keilbalg
Klaviatuur: geïnspireerd op Arnstadt
Onderklavier: middenbalansklavier, bovenklavier: staartklavier
Snijwerk: van dhr. Moser (Oostenrijk)
Registers: aangepaste kopieën
Naamplaatjes: getekend door Bert Schilder te Hattem
Van dit type orgel zijn er zo’n 30 gebouwd.

De dispositie van het Reil-orgel: (1979)  
Hoofdwerk: (C-f3)
Praestant 8 D
Holpijp 8 B/D (gemaakt naar voorbeeld van Teschemacher in Oosterland)
Fluit 4 (C-H gedekt, c0-f3 open)
Octaaf 2

Nevenwerk: (C-f3)
Quintadeen 8 B/D (Caroline pine (Europees grenenhout))
Fluit 4 (transmissie)
Fluit 2
Sesquialter II (vanaf a0)
Vox Humana 8 B/D (naar voorbeeld kabinetorgel Geref. Gem. in Amersfoort, 18e eeuw)

Pedaal: (C-d1)
Gedekt 8
Trompet 4 (tot oktober 1997 als trompet 2; kelen met loden voorkanten)
Sordun 16 (als grondslag Compeniusorgel in Frederiksborg in Denemarken)

Verdere registers:
I+II (schuifkoppel), P+I, P+II
Tremulant (opliggend)