Helsingør, Sancta Mariæ Kirke, Hoofdorgel

Foto’s: Jan Korpershoek © 2007

Orgel gebouwd ca. 1641 door Johan Lorentz (±1580-1650) I9/II7/P8.
Omgebouwd door Hans Christoff Frietzsch (±1600-1674).
Op dit orgel was Diderich Buxtehude organist van 1660-1668.
In 1854 wordt een nieuw orgel met 21 stemmen ingebouwd door Marcussen & Søn.
In 1960 herbouwt Th. Frobenius & Sons het orgel I9/II7/III5/P9.
Na een donatie werd het mogelijk in de oude kas een nieuw orgel te bouwen volgens historische principes als representatief Deens orgel van rond 1650.
Artistiek adviseur van het project was professor dr. Cornelius
H. Edskes en de kathedraal-organist Kristian Olesen trad op als church council consultant.

Orgelmaker: Marcussen & Søn 1997

Dispositie:

ManualWerk: (CDEFGA-c3)
Principal 8
Gedact 8
Octava 4
RohrFlöit 4
Quinte 3
Octava 2
ZifFlöit 1 ½
MiksTur IV F
Trompete 8
Speelhulpen:
Tremulant Spærreventil Hovedværk, Spærreventil Rygpositiv, Spærreventil Brystværk, Spærreventil Pedal.
RückWerk: (CDE-c3)
Gedact 8
Principal 4
Flöit 4
Quinte 3
Octava 2
Sesquialter II F
Scharf III F
Krumbhorn 8
Tremulant
BrustWerk: (CDEFGA-c3)
Gedact 8
Flöit 4
GemsHorn 2
Sedecima 1
Regal 8
Koppelingen:
Hovedvaerk – Rygpositiv
Hovedvaerk – Brystvaerk
Pedal – Hovedvaerk
Pedal – Rygpositiv 
PedalWerk: (CDE-d1)
UnterSatz 16
Principal 8
Gedact 8
Octava 4
RauschPfeiffe III F
Posaun 16
Trompete 8
Trompete 4