Foto’s: Wim Verburg – 2000
De dispositie van het Gradussen-orgel (1871):
Hoofdwerk: (C-f3)
Bourdon 16 B/D
Prestant 4
Quint 3
Flageolet 2
Trompet 8 B/D
Positief: (C-f3)
Prestant 8
Bourdon 8
Salicionaal 8
Roerfluit 4
Pedaal: (C-d1)
aangehangen
Koppelingen:
Manuaalkoppel
Speelhulpen:
Ventiel









