Foto’s: Wim Verburg © 2001 – 2005
Het orgel in Leens is een geschenk van Anna Habine Lewe, douarière van Starkenborgh ter vervanging van een orgel uit 1622. Het werd geheel nieuw gebouwd door Hinsz, en is één van zijn vroegste werken. Het instrument heeft weinig veranderingen ondergaan. Van 10 oktober 1843 tot 10 augustus 1844 werkte Geert Pieter Dik uit Groningen er aan. Hij voerde vooral reparaties uit.
In 1860 werden de blaasbalgen verwijderd uit het balgenhok in de toren, omdat de toren op instorten stond. De kerk en de toren werden gerestaureerd, waarna Van Oeckelen de opdracht kreeg in 1867 het orgel te restaureren. Bij deze restauratie werd de Quintadena 16′ gewijzigd in een Bourdon 16′.
In 1922 kreeg Jan Doornbos de opdracht een verbouwing uit te voeren. Hij verving alle prestanten in het front door nieuwe. Er werd een nieuwe magazijnbalg gemaakt met een elektrische windvoorziening. In het rugpositief heeft hij een Viola di Gamba 8′ geplaatst, en de Dulciaan 8′ werd veranderd in een Clarinet 8′. Na de kerkrestauratie in de jaren vijftig was het orgel door onder andere stof en vocht in zeer slechte staat geraakt. Omdat er geen geld was kreeg Mense Ruiter in 1951 de opdracht het instrument bespeelbaar te maken.
Uiteindelijk werd het instrument in 1968 door Van Vulpen gerestaureerd, waarbij de dispositie uit 1734 werd gereconstrueerd. Hierbij werden adviezen gevolgd van Lambert Erné en Cor Edskes. Het orgel werd op 26 april 1968 weer in gebruik genomen waarbij het bespeeld werd door Lambert Erné.
In 1981 is een pedaalkoppel aangebracht en ook is de windvoorziening stabieler gemaakt. In 1991 voerde Mense Ruiter onderhoudswerkzaamheden uit. In 2010 is de stemmingstemperatuur veranderd in Neidhardt, waarschijnlijk door Mense Ruiter.
In 2018-2021 voerde de firma Reil groot onderhoud uit, maar tevens werd de windvoorziening teruggebracht naar de originele staat. De orgelkas is gerestaureerd en de intonatie van het orgel is waar nodig herzien. Op 30 april 2021 werd het orgel weer in gebruik genomen. Henk de Vries die adviseur was tijdens de restauratie, bespeelde het orgel bij deze gelegenheid. Het orgel werd op zondag 2 mei 2021 weer in gebruik genomen tijdens een kerkdienst.
Dispositie Hinsz-orgel 1733:
HOOFDWERK (C – c3) 49 TOETSEN: Quintadeen 16, Prestant 8, Roerfluit 8, Octaaf 4, Speelfluit 4, Quint 3, Octaaf 2, Mixtuur 4-5-6 st., Trompet 8, Vox Humana 8.
RUGWERK (C – c3) 49 TOETSEN: Fluit does 8, Prestant 4, Holpijp 4, Nasard 3, Octaaf 2, Quint 1 1/3, Scherp 4 sterk, Sexquialter 2 sterk, Dulciaan 8.
PEDAAL (C – d1) 27 TOETSEN: Bourdon 16, Prestant 8, Roerquint 6, Octaaf 4, Mixtuur 4-5-6 sterk, Bazuin 16, Trompet 8, Cornet 2.
KOPPELINGEN: Manuaalkoppel – schuifkoppel, Pedaalkoppel – 1981.
SPEELHULPEN: Tremulant.











