Philadelphia, First Presbyterian Church, Cabinet Organ (“Rosie”)

In 1783 heeft Ibe Peters Iben een nieuw kabinetorgel gebouwd voor de Onstaborgh in Sauwerd in Groningen. Het metalen pijpwerk is van oudere datum, en is gemaakt in de eerste helft van de zeventiende eeuw. Hermann Eberhard Freytag plaatste het orgel in 1817 over naar de Hervormde Kerk te Westerlee (Groningen). In 1873 bouwde Petrus van Oeckelen een nieuw orgel voor de kerk. Het oude instrument is ingenomen en werd in 1876 geplaatst in de Hervormde Kerk te Klein Wetsinge (Groningen). Hier stond het tot 1914, toen Jan Doornbos een nieuw orgel in deze kerk plaatste. Het kabinetorgel werd nu in een café geplaatst. In 1961 is het instrument gerestaureerd door Hans Brink gerestaureerd. Het stond hierna een paar jaar in de Hervormde Kerk te Appingedam als koororgel.

In 1965 is het instrument gekocht door de Universiteit van Californië in Berkeley . Greg Harrold heeft in 1984 een revisie uitgevoerd. in het voorjaar 2025 werd het orgel dat liefkozend Rosie wordt genoemd door Àrpád Magyar overgeplaatst naar de First Presbyterian Church in Philadelphia in Philadelphia (Pennsylvania) USA. De Scherp I-II sterk is bij de overplaatsing (of al eerder) door een Octaav 1′ vervangen.

Dispositie:

MANUAL (C-d3, DELING TUSSEN b°/c1) 51 TOETSEN: Quintadena 8′ (D), Gedact 8′ (B/D), Principaal 4′ (B/D), Fluit 4′ (B/D), Quinta 3′ (B/D), Octaav 2′ (B/D), Octaav 1′ (B/D), Tremulant.