Praha, Kostel svatého Mikuláše (Staré Město), Hoofdorgel

Foto: Bram Luteyn © 2017

In de jaren 1745/1746 bouwde Thomas Schwarz een nieuw Hoofdorgel voor de barokke Sint Nikolaaskerk in Praag (Praha). Op 10 oktober 1746 is het in gebruik genomen. Het instrument werd door Abbé Vogler aan het eind van de achttiende eeuw ingrijpend gewijzigd, maar Josef Gartner herstelde in 1834 de oorspronkelijke dispositie grotendeels. Nieuwe wijzigingen werden in 1905 uitgevoerd, toen verschillende romantische stemmen werden geplaatst en oude stemmen verwijderd. In 1963 is het orgel gerestaureerd en teruggebracht in de staat van 1834. Wel werd een aparte elektrische speeltafel geplaatst die uitgerust is met vele speelhulpen. De oude mechanische klaviatuur is echter ook bewaard gebleven en kan nog gebruikt worden. In 2017 werd het orgel opnieuw gerestaureerd door een onbekende orgelmaker.

Dispositie:

Hauptwerk: CDE – c3 Bourdon 16′, Prinzipal 8′, Rohrflöte 8′, Flauto Dulcis 8′, Quintatön 8′, Octav 4′, Spitzflaut 4′, Nachthorn 4′, Nasard 3′, Superoctav 2′, Sedecima 1′, Sesquialtera 2 fach, Rauschquinte 2 fach (1 1/3′ + 1′), Mixtur 6 fach (2′), Zimbel 4 fach.
Rückpositiv: CDE – c3 Copula Major 8′, Prinzipal 4′, Copula Minor 4′, Octav 2′, Waldflöte 2′, Quint 1 1/3′, Superoctav 1′, Quinta Strepida 2 fach, Mixtur 5 fach (1′).
Oberwerk: CDE – c3 Prinzipal 8′, Flaut Major 8′, Salizional 8′, Octav 4′, Flaut Minor 4′, Fugara 4′, Quint 3′, Octav 2′, Flachflöte 2′, Quinta Strepida 1 1/3′, Mixtur 5 fach.
Pedal: CDE – c1 Prinzipal 16′, Subbass 16′, Bourdon 16′, Quintbass 12′, Octav 8′, Quintatön 8′, Choralbass 4′, Cornet 3 fach, Mixtur 4 fach, Posaune 16′, Trompete 8′.