Reinstetten, Deutschland (Baden-Württemberg) – Katholische Pfarrkirche Sankt Urban

Foto’s: Tjalling Roosjen © 2006

In de parochiekerk te Reinstetten (Baden-Württemberg) Duitsland, bouwde de firma Späth in 1906 een nieuw pneumatisch Taschenladen-orgel. De orgelkas heeft een barokke vormgeving gekregen, uitstekend passend bij het kerkinterieur. De tinnen frontpijpen werden in 1917 gevorderd. Deze zijn in 1926 vervangen door zinken exemplaren. In 1956 wijzigde de firma Reiser de dispositie ingrijpend. Vox Coelestis 8′ en Traversflöte 4′ werden vervangen door een Spitzflöte 4′ en een Scharff 4 fach. Verder werd de Fugara 4′ afgezaagd tot een 2-voet, en de Aeoline 8′ tot een Nasard 2 2/3′. In 1995 is het orgel door de firma Link gerestaureerd. Hierbij is het oude klankbeeld deels hersteld.

Dispositie:

HAUPTWERK (C-f3): 54 TOETSEN Bourdon 16′, Prinzipal 8′ – front 1926, Flöte 8′, Salicional 8′, Gamba 8′, Octav 4′, Rohrflöte 4′, Mixtur 3-4 fach (2 2/3′), Trompete 8′.
SCHWELLWERK (C-f3): 54 TOETSEN Geigenprincipal 8′, Gedeckt 8′, Flauto Amabile 8′, Vox Coelestis 8′ (from c°) – 1995, Aeoline 8′ (from c°) – 1995, Fugara 4′ – 1906/1995, Spitzflöte 2′ – 1995.
PEDAL (C-d1): 27 TOETSEN Violonbaß 16′, Subbaß 16′, Oktavbaß 8′, Cellobaß 8′, Posaune 16′.
KOPPELINGEN: Hauptwerk – Schwellwerk, Hauptwerk – Schwellwerk 16′, Pedal – Hauptwerk, Pedal – Schwellwerk, Hauptwerk – Hauptwerk 4′.
SPEELHULPEN: Registerschweller – 1936, Transponiereinrichtung.