Rosheim, Église Saints-Pierre-et-Paul

Foto: © Ralph Hammann – Wikimedia Commons, CC-BY-SA 4.0

In 1732/1733 bouwde Andreas Silbermann een nieuw mechanisch sleepladen-orgel voor de Église Saints-Pierre-et-Paul van Rosheim (Bas-Rhin (67)) Frankrijk. Het was oorspronkelijk een klassiek frans orgel, met een hoofdwerk, rugwerk en een echo-klavier. In het midden van de negentiende eeuw had men plannen om het orgel eigentijdser te maken. Omdat het kerkgebouw ook verbouwd werd werd besloten dat Joseph Stiehr in 1859 het orgel moest demonteren. Na de demontage heeft Stiehr het orgel in gewijzigde vorm weer opgebouwd in een ruimte aan de zuidzijde van het koor van de kerk. Het instrument is sindsdien vanuit de kerkruimte niet meer te zien. Het front en en de kas van Silbermann werden verkocht en overgeplaatst naar Waldolwisheim. Ook de windladen van de manualen werden daarnaartoe verplaatst. Stiehr heeft het orgel met twee manualen herbouwd. In juni 1863 was het opgeleverd.

Dispositie:

Grand Orgue (CD-c3): 48 toetsen Montre 8′, Bourdon 8′, Gambe 8′, Prestant 4′, Flûte à Cheminée 4′, Nasard 2 2/3′, Doublette 2′, Cornet 5 rangs (discant), Fourniture 3 rangs (1′), Trompette 8′, Voix Humaine 8′.
Positif (CD-c3): 48 toetsen Bourdon 8′, Salicional 8′, Prestant 4′, Flûte 4′, Flageolet 2′, Cromorne 8′.
Pédale (CD-c1): 24 toetsen Soubasse 16′, Flûte 8′, Trompette 8′.
Koppelingen: Accouplement des Claviers.
Speelhulpen: Tremblant Doux.

Vulstem Samenstelling
Fourniture 3 rangs (Grand Orgue) C: 1′ – 2/3′ – 1/2′. c°: 2′ – 1 1/3′ – 1′. c’: 4′ – 2 2/3′ – 2′. c”: 5 1/3′ – 4′ – 2 2/3′.