Rotterdam, Nieuwe Oosterkerk

Foto’s: Wim van der Kooij © 2025

Onder advies van de GOV heeft Willem van Leeuwen in 1952/1953 een nieuw orgel met 37 (32) stemmen, 3 manualen en een vrij pedaal gebouwd voor de Nieuwe Oosterkerk te Rotterdam (Zuid-Holland). Het instrument is in juli 1953 opgeleverd. Het front is een ontwerp van de architecten Van Heiningen en Uyterlinde, die ook het kerkgebouw hadden ontworpen. Het vorige kerkgebouw en orgel werden in 1940 verwoest bij het bombardement op Rotterdam. Het orgel is voorzien van sleepladen met dubbele verticale slepen, en elektro-pneumatische tractuur.

Het kerkgebouw w0rdt sinds enkele jaren gebruikt door een Pinkstergemeente. Het orgel wordt door hen ook bespeeld en onderhouden. Anno 2025 is er weer onderhoud nodig. 

Dispositie:

HOOFDWERK (C – g3) 56 TOETSEN: Quintadeen 16′, Prestant 8′, Roerfluit 8′, Salicionaal 8′, Octaaf 4′, Nachthoorn 4′, Quint 2 2/3′, Octaaf 2′, Cornet V sterk, Mixtuur V-VIII sterk, Trompet 8′.
RUGWERK (C – g3) 56 TOETSEN: Holpijp 8′, Prestant 4′, Gemshoorn 2′, Quint 1 1/3′, Sesquialter II sterk, Scherp III sterk, Dulciaan 8′, Tremulant.

ZWELWERK (C – g3) 56 TOETSEN: Baarpijp 8′, Quintadeen 8′, Gamba 8′, Prestant 4′, Speelfluit 4′, Nasard 2 2/3′, Flageolet 2′, Terts 1 3/5′, Mixtuur III-V sterk, Hobo 8′, Tremulant.
PEDAAL (C – f1) 30 TOETSEN: Prestant 16′, Holquintadeen 16′ – transmissie, Prestant 8′ – unit, Quintadeen 8′ – transmissie, Octaaf 4′, Ruispijp III sterk, Bazuin 16′, Trombone 8′ – niet aanwezig, Cinq 4′ – niet aanwezig.
KOPPELINGEN: Hoofdwerk – Rugwerk, Hoofdwerk – Zwelwerk, Rugwerk – Zwelwerk, Pedaal – Hoofdwerk, Pedaal – Rugwerk, Pedaal – Zwelwerk.
SPEELHULPEN: Vrije combinatie, Tutti.